RB
DOSSIERS
Alle dossiers
Gepubliceerd op vrijdag 28 augustus 2026
RB 4118
Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) ||
4 aug 2026,
Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 4 aug 2026,, RB 4118; 2026/00337 (klacht tegen Vodafone), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/vodafone-commercial-over-maximale-internetsnelheid-niet-misleidend

Vodafone-commercial over maximale internetsnelheid niet misleidend

SGR 4 augustus 2026, RB 4118; IT 5473; 2026/00337 (klacht tegen Vodafone). In deze zaak gaat het om een televisiecommercial van Vodafone voor haar Unlimited-abonnementen. In de commercial wordt onder meer gezongen over “maximale snelheid” en “sneller dan snel”, terwijl in beeld staat: “Tot 1 Gbit/s bij alle Unlimited abonnementen.” Klager vindt de uiting misleidend omdat het netwerk van Vodafone volgens een speedtest van Ookla trager is dan dat van andere aanbieders en hij zelf in de praktijk een veel lagere snelheid ervaart. Vodafone voert aan dat de commercial duidelijk maakt dat alle Unlimited-abonnementen toegang geven tot de maximale technisch beschikbare snelheid zonder een abonnementsafhankelijke snelheidsbeperking. De daadwerkelijke snelheid kan volgens Vodafone variëren door onder meer locatie, dekking, netwerkdrukte en de omstandigheden binnen- of buitenshuis. 

De voorzitter oordeelt dat de gemiddelde consument de commercial door de totale presentatie opvat als een aanprijzing van de snelheid van het Vodafone-netwerk en niet alleen als een mededeling dat alle Unlimited-abonnementen dezelfde snelheidslimiet hebben. Dat maakt de uiting echter niet misleidend. De commercial bevat duidelijke humoristische overdrijving en vermeldt concreet dat het gaat om een snelheid “tot 1 Gbit/s”. De gemiddelde consument begrijpt dit volgens de voorzitter als de theoretisch maximaal haalbare snelheid en niet als de snelheid die hij in iedere situatie daadwerkelijk krijgt. De door klager aangehaalde individuele meting is onvoldoende om aan te tonen dat deze mededeling onjuist is, omdat de gemeten snelheid door verschillende omstandigheden kan worden beïnvloed. Ook de stelling dat andere netwerken sneller zijn, zegt op zichzelf niets over de snelheid die een gemiddelde consument bij Vodafone zal ervaren. Vodafone licht bovendien vóór het sluiten van een overeenkomst voldoende toe welke factoren de praktijksnelheid kunnen verlagen. Voor zover klager ook klaagt over mededelingen over de uploadsnelheid, kan de voorzitter die niet beoordelen omdat daarvan geen reclame-uiting is overgelegd. De voorzitter wijst de klacht daarom af. 

2) In de televisiecommercial is duidelijk sprake van overdrijving. Dit blijkt uit de opeenvolgende onmiskenbaar humoristisch bedoelde scenes waarin ook sprake is van stunts. Voor zover het gaat om concrete informatie over de snelheid van het internet, wordt men in de televisiecommercial door middel van een duidelijk leesbare tekst erop geattendeerd dat het gaat om internet “Tot 1 Gbit/s.” De gemiddelde consument zal deze mededeling niet opvatten als de snelheid die men daadwerkelijk krijgt, maar als de theoretisch maximaal mogelijke snelheid. Op basis van hetgeen klager heeft aangevoerd, kan niet worden geoordeeld dat deze boodschap over de maximale snelheid misleidend is. De klacht berust specifiek op de snelheid die klager zelf in de praktijk ervaart. Klager stelt dat de door hem gemeten snelheid laag is en dat hieruit volgt dat het netwerk van adverteerder traag is. Adverteerder stelt echter terecht dat deze stelling op een individuele meting berust waarbij de snelheid door verschillende onbekende factoren nadelig kan zijn beïnvloed. Dat andere netwerken volgens klager sneller zijn dan het netwerk van adverteerder, zegt verder niets over de snelheid die de consument bij adverteerder in de praktijk zal ervaren. De voorzitter ziet geen aanleiding om te veronderstellen dat de gemiddelde consument in het algemeen het netwerk van adverteerder traag zal achten. Daarbij neemt de voorzitter in aanmerking dat adverteerder voldoende heeft onderbouwd dat zij de consument via haar website en voordat een contract wordt gesloten duidelijk informeert over factoren die op de snelheid “Tot 1 Gbit/s” een negatieve invloed kunnen hebben. Daarmee heeft zij de gemiddelde consument voldoende geïnformeerd over de maximaal mogelijke snelheid en eventuele oorzaken voor een lagere snelheid in de praktijk.

3) Voor zover klager verwijst naar mededelingen van adverteerder over de uploadsnelheid, gaat het blijkbaar om informatie die langs een andere weg aan hem is verstrekt. Hiervan is geen uiting overgelegd waardoor de voorzitter daarover niet kan oordelen. Nu de klacht ook in zoverre niet kan slagen, wordt beslist als volgt.