RB
Gepubliceerd op maandag 2 november 2026
RB 4170
Rechtspraak (NL/EU) ||
8 apr 2026,
Rechtspraak (NL/EU) 8 apr 2026,, RB 4170; ECLI:NL:RBDHA:2026:7807 (Staatsloterij tegen Loterijverlies), https://reclameboek.nl/artikelen/loterijverlies-moet-ruim-600-000-aan-staatsloterij-vergoeden-wegens-misbruik-van-procesbevoegdheid

Loterijverlies moet ruim € 600.000 aan Staatsloterij vergoeden wegens misbruik van procesbevoegdheid

Rb. Den Haag 8 april 2026, RB 4170; ECLI:NL:RBDHA:2026:7807 (Staatsloterij tegen Loterijverlies). Staatsloterij B.V. heeft Loterijverlies.nl B.V. aangesproken tot vergoeding van advocaatkosten en interne kosten die zij heeft gemaakt in een eerdere collectieve schadevergoedingsprocedure. Die procedure was aangespannen naar aanleiding van misleidende reclame-uitingen van Staatsloterij over onder meer winkansen en prijzen. In die eerdere procedure oordeelde de rechtbank Den Haag in 2017 dat Loterijverlies misbruik had gemaakt van haar procesbevoegdheid. Het gerechtshof Den Haag oordeelde in 2019 dat Loterijverlies niet bevoegd was om namens de aangesloten deelnemers te procederen, de waarheidsplicht van artikel 21 Rv op grove wijze had geschonden en misbruik had gemaakt van haar procesbevoegdheid. Staatsloterij stelt dat Loterijverlies daarmee onrechtmatig heeft gehandeld en vordert € 723.055,42 aan advocaatkosten en interne kosten. Loterijverlies betwist haar aansprakelijkheid en stelt tegenvorderingen in van ruim € 13 miljoen. Volgens haar heeft Staatsloterij onder meer onrechtmatig gehandeld door een collectieve regeling en een bijzondere gratis trekking te organiseren, waardoor Loterijverlies vergoedingen en bijdragen van deelnemers zou zijn misgelopen.

De Rechtbank Den Haag oordeelt dat de eerdere rechterlijke vaststellingen over de schending van de waarheidsplicht en het misbruik van procesbevoegdheid tussen partijen gezag van gewijsde hebben op grond van artikel 236 Rv. Het misbruik van procesbevoegdheid levert een onrechtmatige daad op als bedoeld in artikel 6:162 BW. Vanwege het vastgestelde misbruik van procesbevoegdheid kan Staatsloterij aanspraak maken op vergoeding van haar werkelijke proceskosten in plaats van uitsluitend de forfaitaire proceskostenvergoeding. De rechtbank acht voldoende aannemelijk dat Staatsloterij door het onrechtmatige handelen advocaatkosten en interne kosten heeft gemaakt en begroot deze op respectievelijk € 560.000 en € 41.175. Het verjaringsverweer van Loterijverlies wordt verworpen, omdat de stuitingsbrief van Staatsloterij haar per e-mail heeft bereikt, ongeacht of zij deze daadwerkelijk heeft gelezen. De rechtbank veroordeelt Loterijverlies tot betaling van in totaal € 601.175, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 1 januari 2018. De tegenvorderingen worden afgewezen, omdat Loterijverlies niet bevoegd was namens de deelnemers tegen Staatsloterij op te treden en tegenover Staatsloterij daarom geen aanspraak kan maken op de gestelde vergoedingen en bijdragen.

7.5.

Voor het overige berusten alle vorderingen van Loterijverlies op de aanname dat zij gerechtigd was om namens de Deelnemers tegen Staatsloterij te procederen en daarvoor vergoedingen te innen.

Het hof heeft in de Schadevergoedingsactie echter geoordeeld:

- dat Loterijverlies niet bevoegd was om voor de Deelnemers tegen Staatsloterij te procederen12 en

- dat – voor zover zij daartoe al bevoegd was – Loterijverlies die bevoegdheid misbruikte voor eigen gewin en dat Loterijverlies de belangen van de Deelnemers onvoldoende had gewaarborgd.13

Deze beslissingen hebben tussen partijen gezag van gewijsde.

7.6.

Nu tussen partijen vaststaat dat Loterijverlies niet bevoegd is om voor de Deelnemers tegen Staatsloterij te procederen, kan zij tegenover Staatsloterij ook geen aanspraak maken op de no cure no pay-afspraak of andere bijdragen aan de door haar voor de Deelnemers tegen Staatsloterij gevoerde procedures.

Nog los van de vraag of het sluiten van de Collectieve regeling en het organiseren van de bijzondere trekking onrechtmatig waren, kan dus niet worden gezegd dat Loterijverlies daardoor geraakt is in rechtens te respecteren belangen.