RB

Algemene regels  

RB 4100

Afdeling bestuursrechtspraak: boete van € 400.000 voor gerichte kansspelreclame aan jongvolwassenen blijft in stand

Rechtspraak (NL/EU) 8 jul 2026,, RB 4100; ECLI:NL:RVS:2026:3947 ([appellante] tegen Ksa), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/afdeling-bestuursrechtspraak-boete-van-400-000-voor-gerichte-kansspelreclame-aan-jongvolwassenen-blijft-in-stand

 RvS 8 juli 2026, RB 4100; ECLI:NL:RVS:2026:3947 ([appellante] tegen Ksa). Een vergunninghouder voor kansspelen op afstand krijgt van de Kansspelautoriteit een bestuurlijke boete van € 400.000, omdat zij in de periode van 12 oktober 2021 tot en met 15 maart 2022 gerichte e-mails aan jongvolwassenen heeft gestuurd met informatie over haar kansspelaanbod. Volgens de Ksa is daarmee artikel 2 lid 4, aanhef en onder a, Bwrvk overtreden, dat verbiedt wervings- en reclameactiviteiten voor kansspelen te richten op minderjarigen en jongvolwassenen. De rechtbank Den Haag laat de boete in stand. Zij oordeelt dat vaststaat dat de e-mails rechtstreeks aan jongvolwassenen zijn verzonden en dat daarmee gegeven is dat de reclame op deze groep was gericht. De specifieke inhoud van de e-mails hoeft daarom niet afzonderlijk te worden onderzocht om de gerichtheid vast te stellen. Ook acht de rechtbank de norm voldoende nauwkeurig, duidelijk en ondubbelzinnig en verwerpt zij het beroep op het lex-certa-beginsel.

RB 4107

UV-beschermingsclaim voor Bald& Day Cream is misleidend

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 7 jul 2026,, RB 4107; 2026/00312 (klager tegen Bald&), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/uv-beschermingsclaim-voor-bald-day-cream-is-misleidend

RCC 7 juli 2026, RB 4107; 2026/00312 (klager tegen Bald&). In deze zaak staat de vraag centraal of Bald& de Bald& Day Cream mocht aanprijzen met claims als “Beschermd – tegen UV-A” en “UV protection” en met de letters “UVA” in een cirkel. De uitingen stonden op de website van Bald& en in een gesponsord Google-zoekresultaat. Volgens klager wekten deze claims ten onrechte de indruk dat het product bescherming bood tegen UV-straling, terwijl het daarvoor gebruikte ingrediënt (rode algenextract) geen toegelaten UV-filter is.

RB 4099

Hof Amsterdam: superioriteitsclaim HP en prijsclaim over Instant Ink zijn misleidend

Rechtspraak (NL/EU) 19 nov 2024,, RB 4099; ECLI:NL:GHAMS:2024:3200 (Digital Revolution tegen HP), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hof-amsterdam-superioriteitsclaim-hp-en-prijsclaim-over-instant-ink-zijn-misleidend

Hof Amsterdam 19 november 2024, RB 4099; ECLI:NL:GHAMS:2024:3200 (Digital Revolution tegen HP). Digital Revolution, handelend onder 123inkt, en HP procederen over HP’s gebruik van Dynamic Security in printers en over de commerciële tegenmaatregelen van 123inkt. Met Dynamic Security kunnen firmware-updates ertoe leiden dat niet-HP-cartridges niet langer functioneren. Digital Revolution stelt onder meer dat HP daarmee misbruik maakt van een machtspositie en dat verschillende uitingen van HP oneerlijke handelspraktijken of misleidende reclame opleveren. Het hof verwerpt het mededingingsrechtelijke betoog omdat Digital Revolution de relevante markt en de gestelde machtspositie onvoldoende feitelijk onderbouwt. Het hof acht aannemelijk dat sprake is van een systeemmarkt voor printers en cartridges en acht Dynamic Security bovendien een gerechtvaardigde methode die onder meer kan bijdragen aan het weren van counterfeit-cartridges. Dat daardoor ook rechtmatig op de markt gebrachte huismerkcartridges van 123inkt kunnen worden geweerd, maakt het gebruik ervan niet onrechtmatig. Ook het merendeel van HP’s uitingen over Dynamic Security, security chips en mogelijke kwaliteits- en veiligheidsrisico’s acht het hof toelaatbaar. Anders ligt dat bij de claim “HP cartridges deliver the best quality, security and reliability”. Volgens het hof betreft dit een stellige superioriteitsclaim over concrete en in beginsel objectief meetbare eigenschappen, die de gemiddelde consument niet slechts als gebruikelijke reclame-overdrijving zal opvatten. HP onderbouwt niet dat haar cartridges daadwerkelijk de beste zijn op het gebied van kwaliteit en betrouwbaarheid. De mededeling is daarom op grond van art. 6:194a jo. 6:193c BW onrechtmatig jegens Digital Revolution. HP moet op haar Nederlandse website rectificeren en is aansprakelijk voor de door deze mededeling veroorzaakte schade, nader op te maken bij staat.

RB 4101

Conclusie A-G: Hof beoordeelt vergelijkende reclame Kingspan over brandtests onvoldoende zorgvuldig

Rechtspraak (NL/EU) 19 dec 2025,, RB 4101; ECLI:NL:PHR:2025:1396 (Rockwool tegen Kingspan), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/conclusie-a-g-hof-beoordeelt-vergelijkende-reclame-kingspan-over-brandtests-onvoldoende-zorgvuldig

Parket bij de Hoge Raad 19 december 2025, RB 4101; ECLI:NL:PHR:2025:1396 (Rockwool tegen Kingspan). Rockwool en Kingspan, producenten van isolatiemateriaal, procederen over reclame-uitingen over de brandprestaties van isolatiematerialen en de brandveiligheid van hoogbouwgevels. In cassatie staat in de eerste plaats een presentatie van Kingspan tijdens NEN Studiedagen centraal, waarin wordt meegedeeld dat gevelsystemen met Euroklasse A1- en A2-materialen kunnen falen bij grootschalige brandtests, terwijl systemen met Euroklasse C- en B-materialen kunnen slagen. Het hof kwalificeert deze uitingen als vergelijkende reclame in de zin van art. 6:194a BW, maar acht de vergelijking geoorloofd. Volgens A-G Hartlief kan dat oordeel niet in stand blijven. Dat de aangehaalde tests volgens de geaccepteerde BS8414-methode, door onafhankelijke instituten en op correcte wijze zijn uitgevoerd, is op zichzelf onvoldoende om te concluderen dat sprake is van een objectieve vergelijking als bedoeld in art. 6:194a lid 2 onder c BW. Wanneer verschillen in onder meer gevelconstructie, spouwbarrières, ventilatieruimtes en andere testomstandigheden de uitslag kunnen beïnvloeden, kunnen de resultaten niet zonder meer objectief iets zeggen over de geschiktheid van de isolatiematerialen voor toepassing in hoogbouwgevels. Het hof heeft onvoldoende betekenis toegekend aan die verschillen. Bovendien had het hof moeten beoordelen of het niet vermelden van andere relevante testresultaten – waaronder een geslaagde test met A1/A2-materialen en het gestelde vaker falen van tests met C/B-materialen – essentiële informatie weglaat waardoor de vergelijkende reclame misleidend kan zijn. Verschillende cassatieklachten van Rockwool slagen daarom.

RB 4102

Google motiveert permanente Google Ads-schorsing onvoldoende, maar hoeft account EazeGames niet te heractiveren

Rechtspraak (NL/EU) 21 jul 2026,, RB 4102; ECLI:NL:GHAMS:2026:1981 (EazeGames tegen Google), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/google-motiveert-permanente-google-ads-schorsing-onvoldoende-maar-hoeft-account-eazegames-niet-te-heractiveren

Hof Amsterdam 21 juli 2026, RB 4102; IT 5448; ECLI:NL:GHAMS:2026:1981 (EazeGames tegen Google). EazeGames exploiteert een online platform waarop onder meer Bingo, Solitaire en 21 worden aangeboden en adverteert daarvoor sinds 2017 via Google Ads. EazeGames beschikt niet over het door Google voor bepaalde kansspeladvertenties vereiste certificaat. Nadat Google in de loop der jaren 188 advertenties heeft geweigerd, schorst zij het Google Ads-account van EazeGames op 20 december 2024 permanent wegens overtreding van haar beleid tegen het omzeilen van systemen. EazeGames maakt herhaaldelijk bezwaar en legt het geschil vervolgens voor aan ADROIT, een gecertificeerd buitengerechtelijk geschillenbeslechtingsorgaan in de zin van de DSA. ADROIT beveelt in juni 2025 heractivering aan en acht de schorsing onder meer onvoldoende gemotiveerd en disproportioneel. Google volgt die aanbeveling niet. Het hof oordeelt dat Google contractueel weliswaar een ruime bevoegdheid en beoordelingsvrijheid heeft om Google Ads-accounts op te schorten, maar dat een permanente schorsing vanwege haar verstrekkende karakter proportioneel moet zijn en deugdelijk moet worden gemotiveerd. Daarnaast is art. 17 DSA op de schorsing van toepassing. Google moet daarom duidelijk, specifiek en zo nauwkeurig als redelijkerwijs mogelijk uiteenzetten waarom de maatregel is genomen, zodat EazeGames haar beschikbare verhaalmogelijkheden daadwerkelijk kan benutten. Aan die eisen voldoet de schorsingsmededeling niet: Google verwijst hoofdzakelijk naar het algemeen geformuleerde Omzeilingsbeleid zonder te concretiseren welke overtredingen EazeGames heeft begaan en waarom permanente schorsing in dit specifieke geval gerechtvaardigd is. Ook de nadere toelichting tijdens de procedure over onder meer mogelijke cloaking, een ander account en het grote aantal geweigerde advertenties acht het hof onvoldoende concreet. Het beroep van EazeGames op art. 16 DSA slaagt daarentegen niet, omdat dat artikel ziet op maatregelen naar aanleiding van een melding en niet op een maatregel die een dienstaanbieder, zoals hier, uit eigen beweging neemt.

RB 4098

Rechtbank Noord-Holland: blauwe gevelbeplating is geen belastbare reclame-uiting

Rechtspraak (NL/EU) 3 feb 2026,, RB 4098; ECLI:NL:RBNHO:2026:2543 (eiseres tegen de heffingsambtenaar van de gemeente Cocensus), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rechtbank-noord-holland-blauwe-gevelbeplating-is-geen-belastbare-reclame-uiting

Rb. Noord-Holland 3 februari 2026, RB 4098; ECLI:NL:RBNHO:2026:2543 (eiseres tegen de heffingsambtenaar van de gemeente Cocensus). Aan een onderneming wordt voor 2024 een aanslag reclamebelasting van € 15.000 opgelegd. De heffingsambtenaar rekent daarbij de blauwe gevelbeplating van het bedrijfspand mee als onderdeel van een openbare aankondiging. De onderneming betwist dit en voert aan dat de architect bij de bouw van het pand in 2014 om architectonische redenen voor blauwe gevelplaten heeft gekozen, dat deze niet waren bedoeld om reclame mee te maken en dat de kleur bovendien afwijkt van het blauw dat in de bedrijfslogo’s als bedrijfskleur wordt gebruikt. Op grond van de gemeentelijke verordening wordt reclamebelasting geheven voor een openbare aankondiging die vanaf de openbare weg zichtbaar is; onder een aankondiging kunnen onder meer letters, cijfers, tekens, symbolen, logo’s, vormen en kleuren vallen. In geschil is specifiek of de blauwe gevelplaten onderdeel zijn van zo’n openbare reclameaankondiging.

RB 4096

Hof Amsterdam: wervende brochure over CO₂-emissierechten heeft geen bewijsbestemming

Rechtspraak (NL/EU) 23 jul 2026,, RB 4096; ECLI:NL:GHAMS:2026:2187 (Openbaar Ministerie tegen [verdachte]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hof-amsterdam-wervende-brochure-over-co-emissierechten-heeft-geen-bewijsbestemming

Hof Amsterdam 23 juli 2026, RB 4096; ECLI:NL:GHAMS:2026:2187 (Openbaar Ministerie tegen [verdachte]). Na terugwijzing door de Hoge Raad moet het hof opnieuw beoordelen of een brochure waarmee vrijwillige CO₂-emissierechten aan potentiële beleggers worden aangeboden, een geschrift is dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen in de zin van artikel 225 lid 1 Sr. Het hof acht twee in de tenlastelegging genoemde mededelingen in de brochure vals. Zo wordt ten onrechte vermeld dat de onderneming in 2002 klein is begonnen en vervolgens is uitgegroeid tot een wereldspeler, terwijl zij pas in juli 2012 is opgericht en voornamelijk op de Nederlandse markt actief is. Ook is onjuist dat de aangekochte carbon credits zouden worden bewaard in een door de Verenigde Naties goedgekeurd internationaal register: volgens het hof keurt de VN dergelijke registers voor vrijwillige CO₂-emissierechten niet goed. Van de overige ten laste gelegde mededelingen acht het hof niet bewezen dat zij vals of in strijd met de waarheid zijn.

RB 4097

Onjuiste reclame-uitingen verhuurbemiddelaar onvoldoende ernstig voor ontbinding

Rechtspraak (NL/EU) 8 jul 2026,, RB 4097; ECLI:NL:RBOVE:2026:4663 (ResortNet tegen La Sapinière), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/onjuiste-reclame-uitingen-verhuurbemiddelaar-onvoldoende-ernstig-voor-ontbinding

Rb. Overijssel 8 juli 2026, RB 4097; ECLI:NL:RBOVE:2026:4663 (ResortNet tegen La Sapinière). ResortNet en La Sapinière sluiten in 2016 een exclusieve verhuurbemiddelingsovereenkomst voor een vakantiepark in Luxemburg. Nadat La Sapinière de samenwerking in maart 2025 beëindigt, stelt zij onder meer dat ResortNet tekortschiet door misleidende en onjuiste uitingen op Google, Facebook en andere online kanalen. De rechtbank oordeelt dat het aanduiden van de door ResortNet beheerde website als “officiële website” geen tekortkoming oplevert, mede omdat ResortNet exclusief verhuurbemiddelaar is en zowel haar website als die van La Sapinière op hetzelfde reserveringssysteem zijn aangesloten. Ook de aanprijzing “altijd de beste prijs” levert volgens de rechtbank geen tekortkoming op: het betreft een gangbare en generieke aanprijzing, die bovendien na verzoek van La Sapinière niet langer is gebruikt. Anders ligt dat bij concrete onjuiste informatie over het vakantiepark. Het vermelden van bijvoorbeeld een niet-aanwezige elektrische haard, een verkeerd natuurgebied en verouderde beelden, evenals onjuiste informatie over onder meer internet, openingstijden en het huisdierenbeleid, levert in beginsel wel een tekortkoming op omdat ResortNet als verhuurbemiddelaar correcte informatie aan potentiële klanten moet verstrekken. Deze tekortkomingen zijn volgens de rechtbank echter beperkt van gewicht, niet veelvuldig en niet opzettelijk misleidend; bovendien is onvoldoende gesteld over concrete gevolgen zoals annuleringen of schadeclaims. Ook het onvoldoende uitvoeren van influencer-marketing en het generiek reageren op online reviews leveren geen tekortkoming op.

RB 4095

Rechtbank Oost-Brabant: Dexia volledig aansprakelijk na persoonlijk advies door niet-vergunde tussenpersoon

Rechtspraak (NL/EU) 30 jul 2026,, RB 4095; ECLI:NL:RBOBR:2026:5771 ([eiser] tegen Dexia), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rechtbank-oost-brabant-dexia-volledig-aansprakelijk-na-persoonlijk-advies-door-niet-vergunde-tussenpersoon

Rb. Oost-Brabant 30 juli 2026, RB 4095; ECLI:NL:RBOBR:2026:5771 ([eiser] tegen Dexia). Een consument sluit via Spaar Select een effectenleaseovereenkomst met de rechtsvoorganger van Dexia. De kantonrechter sluit aan bij de vaste effectenleasejurisprudentie en stelt onder meer vast dat geen sprake is van dwaling, misleidende reclame of misbruik van omstandigheden, maar wel dat Dexia haar bijzondere zorgplichten heeft geschonden en onrechtmatig heeft gehandeld. De consument voert voldoende concreet aan dat een adviseur van Spaar Select zijn financiële situatie en pensioenwens bespreekt en hem persoonlijk adviseert het product Maximaal Rendement Effect af te sluiten. Daarbij adviseert Spaar Select hem om de overwaarde van zijn woning via een hypothecaire lening te benutten voor een vooruitbetaling van ongeveer NLG 96.000. Volgens de consument wordt alleen een positief rendementsscenario voorgehouden en wordt hij niet gewezen op de risico’s van beleggen met geleend geld. Dexia weerspreekt deze concrete gang van zaken onvoldoende gemotiveerd, zodat de kantonrechter ervan uitgaat dat sprake is van een gepersonaliseerde aanbeveling en daarmee van vergunningplichtige advisering. Omdat Spaar Select niet over de vereiste vergunning beschikt en Dexia door haar nauwe samenwerking met Spaar Select behoorde te weten dat deze tussenpersoon op grote schaal dergelijke adviezen gaf, handelt Dexia onrechtmatig door de consument toch als cliënt te accepteren.

RB 4094

Misleidende bemiddelingswebsites voor OV-chipkaarten moeten exploitatie staken

Rechtspraak (NL/EU) 20 jan 2026,, RB 4094; ECLI:NL:RBMNE:2026:112 (Translink en Rover tegen [gedaagde partijen]), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/misleidende-bemiddelingswebsites-voor-ov-chipkaarten-moeten-exploitatie-staken

Rb. Midden-Nederland 20 januari 2026, RB 4094; ECLI:NL:RBMNE:2026:112 (Translink en Rover tegen [gedaagde partijen]). Kings Online exploiteert de websites reisproductaanvragen.nl en persoonlijkreisproduct.nl, waarop zij consumenten tegen betaling van € 37,50 bemiddelt bij het aanvragen van een persoonlijke OV-chipkaart. Rechtstreeks bij de officiële uitgever Translink kost een OV-chipkaart € 7,50, zodat de bemiddelingsdienst van Kings Online de consument € 30 extra kost. Translink en reizigersvereniging Rover stellen dat de websites en marketing van Kings Online consumenten misleiden en vorderen in kort geding staking van de exploitatie. De voorzieningenrechter oordeelt dat beide eisers kunnen optreden. Rover behartigt op grond van art. 3:305a BW de gelijksoortige belangen van OV-gebruikers en is, mede vanwege haar rol als belangenvertegenwoordiger en haar wettelijke adviesrecht, voldoende representatief. De regels over oneerlijke handelspraktijken zijn primair bedoeld ter bescherming van consumenten, zodat Translink daarop niet rechtstreeks als consument een beroep kan doen. Een oneerlijke handelspraktijk kan echter tevens een onrechtmatige daad jegens een derde opleveren. Misleiding rond de OV-chipkaart kan het vertrouwen van consumenten in de kaart en in Translink aantasten en daarmee ook de belangen van Translink schaden.