RB
DOSSIERS
Alle dossiers

Contractuele aansprakelijkheid en reclame  

RB 1231

Puzzelvertier advertentie-overeenkomst

Kantonrechter Rechtbank Zwolle-Lelystad 29 november 2011, LJN BU8826 (gemachtigde Direct Incasso B.V. tegen museumbeheerder)

PuzzelA.gifCiviel overig. Advertentie-overeenkomst. Geen op het sluiten van een tweede overeenkomst gerichte wil aangenomen. Geen bescherming van vertrouwen bij advertentieverkoper, gelet op de kennelijk bewuste handelwijze om in de eerste opdrachtbevestiging een fout te verwerken en na reactie daarop een tweede opdrachtbevestiging te zenden die op een andere advertentie ziet.

8. Op basis van de stukken en het ter comparitie tussen partijen gevoerde debat is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende komen vast te staan dat ten aanzien van het plaatsen van een advertentie in ‘PuzzelVertier’ bij [GEDAAGDE PARTIJ] geen sprake was van een op het sluiten van een overeenkomst gerichte wil. Daartoe is het volgende van belang.

8.1. [GEDAAGDE PARTIJ] heeft ter comparitie onweersproken gesteld dat [EISENDE PARTIJ] haar, in de persoon van [S], telefonisch heeft voorgesteld om vier keer een advertentie te plaatsen in ‘een boekje voor een goed doel’ voor een bedrag van € 999,00 en dat [S] daarop te kennen heeft gegeven dat [GEDAAGDE PARTIJ] nooit advertenties plaatst voor een bedrag van meer dan € 250,00. Onweersproken heeft [S] ook aangevoerd dat hij niet gemachtigd is om voor [GEDAAGDE PARTIJ] verplichtingen aan te gaan voor bedragen groter dan € 300,00. Partijen hebben uiteindelijk afgesproken dat de betreffende advertentie eenmalig geplaatst zou worden. Vast staat dat [EISENDE PARTIJ] naar aanleiding van dit telefoongesprek op 2 april 2010 een opdrachtbevestiging aan [GEDAAGDE PARTIJ] heeft gezonden voor ‘plaatsing van een advertentie in ‘KleurVertier’ (kleurwedstrijd voor kinderen)’. In het afgedrukte voorbeeld van de advertentie zoals die door [EISENDE PARTIJ] zou worden geplaatst, stond een foute postcode vermeld. [GEDAAGDE PARTIJ] heeft toegelicht dat zij de opdracht heeft geaccordeerd en teruggestuurd, met daarbij de vermelding dat de postcode onjuist was. Voldoende aannemelijk is geworden dat [GEDAAGDE PARTIJ], toen zij op 14 april 2010 wederom een opdrachtbevestiging toegestuurd kreeg met daarin de juiste postcode, in de veronderstelling verkeerde dat de inhoud daarvan dezelfde was als die haar op 2 april 2010 was toegestuurd, namelijk plaatsing van een advertentie in ‘KleurVertier’, alleen nu voorzien van de juiste postcode. Daarbij is van belang dat, zoals tijdens de comparitie onweersproken is gesteld, voorafgaand aan deze toezending niet opnieuw telefonisch contact tussen [EISENDE PARTIJ] en [GEDAAGDE PARTIJ] heeft plaatsgevonden en dat [EISENDE PARTIJ] evenmin op andere wijze aan haar duidelijk heeft gemaakt dat het om een andere opdracht, namelijk plaatsing van een advertentie in ‘PuzzelVertier’, ging. Het voorgaande brengt de kantonrechter tot het oordeel dat [GEDAAGDE PARTIJ] door de handelwijze van [EISENDE PARTIJ] in de waan is gebracht dat zij, door ondertekening van de opdracht voor ‘PuzzelVertier’ alsnog tekende voor advertentieplaatsing in ‘KleurVertier’. Waar het gaat om ‘PuzzelVertier’ is dan ook geen sprake geweest van een op het sluiten van een overeenkomst gerichte wil.

9. De vraag of [EISENDE PARTIJ] de ondertekening van de tweede opdrachtbevestiging onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mocht opvatten als instemming met advertentieplaatsing in ‘PuzzelVertier’ moet ontkennend worden beantwoord. [EISENDE PARTIJ] heeft ter zitting niet weersproken dat tijdens het eerste telefoongesprek is afgesproken dat één advertentie geplaatst zou worden, namelijk een advertentie in ‘KleurVertier’, en dat zij [GEDAAGDE PARTIJ] na dat eerste gesprek niet opnieuw heeft benaderd voor het plaatsen van een advertentie in ‘PuzzelVertier’. Als [EISENDE PARTIJ] vervolgens een verbeterde advertentie toestuurt, afgedrukt op een opdrachtbevestiging die identiek lijkt aan de eerste, maar waarop enkele gegevens zijn gewijzigd, dan kan zij de ondertekening daarvan redelijkerwijs niet opvatten als een uiting van de wil van [GEDAAGDE PARTIJ] gericht op advertentieplaatsing in ‘PuzzelVertier’. De kantonrechter kan zich ook niet aan de indruk onttrekken dat [EISENDE PARTIJ] opzettelijk de werkwijze hanteert van het sturen van twee afzonderlijke opdrachtbevestigingen met een tussenpoos van minder dan twee weken, waarbij in de eerste opdrachtbevestiging een fout in de advertentie zit en dat [EISENDE PARTIJ] met deze handelwijze probeert te bewerkstelligen dat de opdrachtgever met de bevestiging voor de tweede opdracht in de veronderstelling verkeert akkoord te verlenen voor de eerste gecorrigeerde opdracht. Opvallend is in elk geval dat [EISENDE PARTIJ] vaker een identieke handelwijze blijkt te volgen (zie het vonnis van de kantonrechter te Leeuwarden d.d. 9 september 2011, LJN BT2369).

10. Gelet op het bovenstaande moet worden geoordeeld dat ten aanzien van het plaatsen van een advertentie in ‘PuzzelVertier’ geen overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen.

RB 1222

Ongevraagd en zonder overleg opgestuurd

Kantonrechter Rechtbank Groningen 20 oktober 2011, LJN BU6754 (Puzzel & Co h.o.d.n. Kijk- en Leesservice Holland tegen Q)

kop2.pngReclamemateriaal. Na telefonisch onderhoud met Q. wordt een opdrachtbevestiging per email gezonden. Daags hierna heeft echtgenote van Q. de overeenkomst ontkent "wij hadden aangegeven 1 malig in een folder te willen staat en wilde hierover goede informatie over onze advertentie". Er is door Puzzle & Co. drukwerk gemaakt en verspreid aan een café in Kloosterburen om in een display te plaatsen.

Indien er al een overeenkomst lijkt tot stand te zijn gekomen, dan is Puzzle & Co haar verplichtingen uit deze overeenkomst niet voldoende nagekomen. Zij heeft promotiekaarten ongevraagd en zonder overleg opgestuurd. Zij kan geen betaling verlangen van Q.

4.1 Het meest verstrekkende verweer van Q. is dat er geen overeenkomst tot stand is gekomen, dan wel dat zijn echtgenote gedwaald heeft tijdens de totstandkoming ervan. Wat van dat verweer ook zij, de kantonrechter ziet aanleiding om eerst de uitvoering van de (vermeende) op Puzzle & Co rustende prestatie te beoordelen.

4.2 Voor het geval partijen inderdaad, zoals door Puzzle & Co wordt gesteld en door Q. is betwist, zijn overeengekomen dat Puzzle & Co in opdracht van Q. promotiemateriaal zou verzorgen en verspreiden is de kantonrechter van oordeel dat Puzzle & Co haar verplichting niet voldoende is nagekomen. Puzzle & Co heeft uiteengezet dat zij de promotiekaarten ongevraagd en zonder overleg heeft opgestuurd naar Café [naam café] te Kloosterburen. Het café zou de promotiekaarten in een display in het café kunnen plaatsen en het pakket drukwerk terugsturen indien zij daartoe niet bereid was. Gesteld noch gebleken is dat Puzzle & Co op enige wijze heeft gecontroleerd of het café de promotiekaarten inderdaad ter beschikking heeft gesteld aan het publiek. Door Puzzle & Co is niet betwist dat Café [naam café] de promotiekaarten in de container heeft doen belanden. Hieruit volgt dat Puzzle & Co het doel van de overeenkomst, promotie van het bedrijf van Q., niet heeft waargemaakt. Nu Puzzle & Co niet aan haar verplichting heeft voldaan, kan zij geen betaling verlangen van Q.

RB 923

Dakreclame - mogelijkheid tot plaatsing essentieel onderdeel huurovereenkomst

Hof Amsterdam 10 mei 2011, LJN BQ4844, zaaknummer 200.057.333/01 (JC Decaux Advertising N.V. tegen Stichting Villa Betty) 

RB ogo_jcdecaux.jpgReclamerecht. Algemeen contractrecht. Huur. Villa Betty verhuurt reclameruimte boven het dak van Muntplein 1 en Amstel 2. JC Decaux huurt deze ruimte voor termijn van telkens 5 jaar vanaf 1991. Tegen eindigen termijn kan met opzegtermijn van 1 jaar de overeenkomst worden opgezegd. Sinds 2004 zijn de richtlijnen van de gemeente omtrent dakreclame aangescherpt. Vervanging van reclame is slechts toegestaan na toestemming van de Welstandscommissie. Nu JC Decaux tot tweemaal toe geen toestemming kreeg, heeft het de huurovereenkomst met Villa Betty bij brief op 26 februari 2007 opgezegd. Kantonrechter heeft o.a. deze opzegging ongeldig verklaard en geoordeeld dat niet kan worden gesproken van gebrek (art. 7:204 BW).

Hof: Mogelijkheid tot benutten van ruimte voor plaatsen dakreclame is belangrijk. Zonder die gebruiksmogelijkheid moet het gehuurde als gebrekkig worden aangemerkt. In huurovereenkomst ligt besloten dat JC Decaux reclame mocht vervangen, dus hier mogen geen beperkingen aan worden opgelegd. Nu gehuurde gebrek had, was JC Decaux bevoegd de overeenkomst per 1 april 2008 te ontbinden op grond van art. 6:267 BW.

4.6 Het hof stelt voorop dat het gehuurde in dit geval een niet zo gemakkelijk te onderscheiden of te definiëren “zaak” betreft. Dat betekent dat vooral te rade moet worden gegaan bij hetgeen partijen voor ogen heeft gestaan bij de huurovereenkomst teneinde te achterhalen of van een relevant gebrek kan worden gesproken.
Centraal staat naar het oordeel van het hof dat JC Decaux ruimte boven een dak heeft gehuurd teneinde die ruimte te benutten voor dakreclame voor een van haar klanten. Het gehuurde ontleent daaraan haar betekenis voor JC Decaux. Om die reden was zij, naar moet worden aangenomen, bereid de overeengekomen huurprijs te betalen. Zonder de mogelijkheid dakreclame te plaatsen vertegenwoordigt het gehuurde voor haar geen enkele waarde.

De stellingen van Villa Betty bevatten niets dat erop wijst dat zij dat niet zou hebben begrepen.
Die gebruiksmogelijkheid maakt zozeer het wezen van het gehuurde uit dat moet worden geoordeeld dat het gehuurde zonder die gebruiksmogelijkheid als gebrekkig moet worden beschouwd, in die zin dat het gehuurde dan een eigenschap mist, waardoor het aan de huurder, thans JC Decaux, niet het genot kan verschaffen dat deze althans haar rechtsvoorgangster bij het aangaan van de overeenkomst mocht verwachten. 

4.8 In de huurovereenkomst ligt naar het oordeel van het hof voorts besloten dat JC Decaux jegens Villa Betty het recht had bedongen om de dakreclame desgewenst te vervangen, hetzij omdat zij een nieuwe huurder zou hebben gevonden hetzij omdat een huurder andere reclame zou wensen. In de huurovereenkomst is immers zonder enige beperking voorzien in de mogelijkheid om het verhuurde onder te verhuren. Dat betekent dat JC Decaux die haar bedrijf ervan heeft gemaakt om reclameruimte ter beschikking te stellen van haar klanten, er redelijkerwijs op mocht vertrouwen dat de huurovereenkomst op dit punt geen beperkingen zou opleveren. Villa Betty had daarmee op haar beurt rekening te houden.

4.9 Als vaststaand kan tussen partijen worden aanvaard dat JC Decaux vanaf 2006 serieuze beperkingen heeft ondervonden in het gebruik van het gehuurde.

De stellingen van Villa Betty zijn te speculatief om aan te nemen dat Samsung toentertijd geen wijziging van het reclamebord wilde. Ook als met Villa Betty zou moeten worden aangenomen dat er met het reclamebord waarop het oude logo van Samsung nog stond niet veel mis was zodat het rustig had kunnen blijven staan, heeft te gelden dat JC Decaux in haar rechtsverhouding met Villa Betty de vrijheid had om voor haar klant Samsung te streven naar vervanging van het bord.

4.14 Slotsom van deze overwegingen is dat moet worden aanvaard dat het gehuurde een gebrek had als bedoeld in artikel 7:204 BW.
Villa Betty heeft dit gebrek niet verholpen noch, naar uit de stellingen van JC Decaux kan worden opgemaakt, hoeven te verhelpen. Villa Betty heeft niet gesteld noch is anderszins voldoende gebleken dat ze het gebrek had kunnen verhelpen. Het is een gebrek dat het genot dat JC Decaux mocht verwachten, geheel onmogelijk maakt. JC Decaux is daarom bevoegd de huur op de voet van artikel 6:267 BW te ontbinden.
De grieven I, II, III en V in het principaal appel slagen in zover. De grieven A en B in het incidenteel appel falen.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)

RB 786

T-mobile informeert aanvulling AV - Premium SMS

t-mobile-logo-footer.png

In een sms kondigt T-mobile aan dat in verband met Premium SMS diensten per 1 april de algemene voorwaarden zijn aangevuld (link):

T-Mobile is gerechtigd de kosten te incasseren voor de dienstverlening van derden voor SMSdiensten, Contentdiensten en/of overige (mobiele) diensten welke door de klant zijn afgenomen. De klant stemt er mee in dat deze als Gebruikskosten door T-Mobile op haar facturen in rekening worden gebracht. T-Mobile kan, zonder ingebrekestelling, de Dienst geheel of gedeeltelijk opschorten indien de Klant een of meer van de in rekening gebrachte kosten voor Diensten en/of Content van derden, waaronder sms-diensten, Contentdiensten en/of overige (mobiele) diensten niet heeft betaald en er voldaan is aan de voorwaarden van Regeling Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen. Klachten over voornoemde diensten dienen binnen 2 maanden na de factuurdatum ingediend te worden

T-Mobile licht verder toe...

Beste klant,

In de toelichting hieronder kunt u informatie vinden over de aanvulling van uw Algemene Voorwaarden. Indien u toch nog vragen heeft, willen wij u wijzen op de veelgestelde vragen, welke onderaan deze pagina te vinden zijn.

Reden voor aanvulling Algemene Voorwaarden
Per 1 april 2011 wijzigt de regelgeving met betrekking tot betaalde sms-diensten. Vanaf deze datum hebben consumenten langer de tijd om een klacht bij hun mobiele aanbieder in te dienen over betaalde sms-diensten. Daarnaast gelden er voor mobiele aanbieders striktere voorwaarden voor het (tijdelijk) afsluiten van mobiele telefoonaansluitingen bij het uitblijven van betaling en worden zij verplicht om consumenten de mogelijkheid te bieden om hun mobiele telefoonnummer te blokkeren voor het gebruik van betaalde sms-diensten.

In verband met deze nieuwe regelgeving heeft T-Mobile per 22 januari 2011 reeds nieuwe Algemene Voorwaarden Abonnee Consument in gebruik genomen. Voor alle klanten op wie nog oudere versies van de Algemene Voorwaarden van toepassing zijn vult T-Mobile de algemene voorwaarden als volgt aan:

"T-Mobile is gerechtigd de kosten te incasseren voor de dienstverlening van derden voor SMSdiensten, Contentdiensten en/of overige (mobiele) diensten welke door de klant zijn afgenomen. De klant stemt er mee in dat deze als Gebruikskosten door T-Mobile op haar facturen in rekening worden gebracht. T-Mobile kan, zonder ingebrekestelling, de Dienst geheel of gedeeltelijk opschorten indien de Klant een of meer van de in rekening gebrachte kosten voor Diensten en/of Content van derden, waaronder sms-diensten, Contentdiensten en/of overige (mobiele) diensten niet heeft betaald en er voldaan is aan de voorwaarden van Regeling Universele Dienstverlening en Eindgebruikersbelangen. Klachten over voornoemde diensten dienen binnen 2 maanden na de factuurdatum ingediend te worden."

Kosteloos blokkeren betaalde sms-diensten
Vanaf 1 april 2011 heb je dus de mogelijkheid om je mobiele telefoonnummer binnen 24 uur kosteloos te blokkeren voor het gebruik van betaalde sms-diensten. Het (de)blokkeren voor betaalde sms-diensten kun je doen via de website www.smsdienstenfilter.nl.

Afrekenen van sms-diensten via je telefoonrekening
De kosten voor betaalde sms-diensten worden vanaf 1 april 2011 nog steeds via je telefoonrekening in rekening gebracht. Je hoeft dus geen actie te ondernemen. T-Mobile behoudt net als nu het recht om bij te late betaling van (ook) de hier bedoelde kosten de dienstverlening op te schorten of – uiteindelijk - te beëindigen. Wel is zij daarbij gebonden aan striktere voorwaarden.

Klachten over sms-diensten
De termijn waarbinnen je kunt klagen over in rekening gebrachte sms-diensten wordt vanaf 1 april 2011 verlengd tot twee maanden vanaf de factuurdatum.

Lees verder hier (link).

  • 1
  • 2
  • 3
  • 21 - 24 van 24