RB
DOSSIERS
Alle dossiers

Tabak  

RB 4059

Pop-up onvoldoende voor B2B-uitzondering op reclameverbod voor e-sigaretten en e-liquids

Rechtspraak (NL/EU) 21 jul 2026,, RB 4059; ECLI:NL:CBB:2026:220 (de minister en UEG), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/pop-up-onvoldoende-voor-b2b-uitzondering-op-reclameverbod-voor-e-sigaretten-en-e-liquids

CBb 26 mei 2026, RB 4059; ECLI:NL:CBB:2026:220 (de minister tegen UEG). UEG Holland, een groothandel in elektronische rookproducten, toont op de homepage van haar website afbeeldingen met merknamen van e-liquids en elektronische sigaretten. Bezoekers krijgen eerst een pop-up te zien waarin zij moeten bevestigen dat zij werkzaam zijn in de handel in tabaksproducten of aanverwante producten en ten minste achttien jaar oud zijn. Na het aanklikken van deze verklaring kan iedereen de homepage en de afbeeldingen bekijken; pas wanneer een bezoeker een account wil aanmaken om producten te bestellen, wordt gecontroleerd of deze daadwerkelijk handelaar is. De minister merkt de afbeeldingen aan als reclame en legt UEG wegens overtreding van artikel 5 lid 1 Tabaks- en rookwarenwet een boete van € 13.500 op. De rechtbank oordeelt dat de uitingen wel reclame zijn, maar onder de B2B-uitzondering van artikel 5 lid 6, onder a, onder 1°, Trw vallen. In hoger beroep erkent UEG dat de afbeeldingen commerciële mededelingen zijn die onder het reclameverbod vallen, waardoor de grondslag aan haar incidentele hoger beroep ontvalt.

RB 4055

IQOS-proefmaand kwalificeert niet als reclame onder de Tabaks- en rookwarenwet

Rechtspraak (NL/EU) 9 jun 2026,, RB 4055; ECLI:NL:CBB:2026:254 ([naam 1] tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/iqos-proefmaand-kwalificeert-niet-als-reclame-onder-de-tabaks-en-rookwarenwet

CBb 9 juni 2026, RB 4055; ECLI:NL:CBB:2026:254 ([naam 1] tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). Op de website van de tabaksfabrikant wordt een IQOS-apparaat gedurende dertig dagen voor € 9 op proef aangeboden. Na deze proefmaand kan de consument het apparaat retourneren of voor € 49 aanschaffen. De voor het gebruik benodigde tabaksticks zijn niet inbegrepen en moeten afzonderlijk worden gekocht. De minister stelt dat de proefmaand indirect de verkoop van de tabaksticks bevordert, omdat het apparaat uitsluitend daarmee kan worden gebruikt, en legt in twee afzonderlijke zaken een boete van € 450.000 op wegens overtreding van het reclameverbod van artikel 5 lid 1 Tabaks- en rookwarenwet. De rechtbank acht het reclameverbod eveneens overtreden, maar grijpt wel in de hoogte van de boetes in.

RB 4053

Animatie voor verhitte tabak valt niet onder uitzondering op reclameverbod

Rechtspraak (NL/EU) 9 jun 2026,, RB 4053; ECLI:NL:CBB:2026:253 ([naam 1] tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/animatie-voor-verhitte-tabak-valt-niet-onder-uitzondering-op-reclameverbod

CBb 9 juni 2026, RB 4053; ECLI:NL:CBB:2026:253 ([naam 1] tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport). In een tabaksspeciaalzaak wordt op een lcd-scherm een animatie getoond voor een apparaat waarmee tabak wordt verhit en de daarbij behorende tabaksticks. De animatie bevat onder meer de mededeling “95% minder schadelijke stoffen vergeleken met sigaretten”, toont een vergelijking tussen het verhitte tabaksproduct en een brandende sigaret en vermeldt schadelijke stoffen alleen bij de sigaret. De verplichte gezondheidswaarschuwing “Tabaksproducten zijn dodelijk” ontbreekt in de animatie. Niet in geschil is dat de animatie reclame vormt in de zin van artikel 1 lid 1 Tabaks- en rookwarenwet en daarom in beginsel onder het reclameverbod van artikel 5 lid 1 Trw valt. De destijds geldende uitzondering voor reclame in een tabaksspeciaalzaak geldt alleen wanneer aan de voorschriften van de Tabaks- en rookwarenregeling is voldaan, waaronder het verbod om op enige wijze een positief verband met de gezondheid te leggen en de verplichting om reclame voor rookloze tabaksproducten van de voorgeschreven gezondheidswaarschuwing te voorzien.

RB 4028

CBb: uitingen over rookvrije alternatieven vallen onder reclameverbod Tabaks- en rookwarenwet

toezichthouder 9 jun 2026,, RB 4028; ECLI:NL:CBB:2026:255 ((Tabaksfabrikant tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staat)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/cbb-uitingen-over-rookvrije-alternatieven-vallen-onder-reclameverbod-tabaks-en-rookwarenwet

CBb 9 juni 2026, RB 4028; ECLI:NL:CBB:2026:255 (Tabaksfabrikant tegen de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staat). Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft geoordeeld dat een advertentie, een webpagina, twitterberichten en een online bijeenkomst van een tabaksfabrikant over zogenoemde rookvrije alternatieven reclame vormen in de zin van de Tabaks- en rookwarenwet (Trw). De minister mocht hiervoor bestuurlijke boetes opleggen. In deze zaak staat de vraag centraal of de uitingen, die volgens de fabrikant bedoeld waren om informatie te verstrekken en deel te nemen aan het maatschappelijke debat over rookvrije alternatieven, moeten worden aangemerkt als reclame voor tabaksproducten of aanverwante producten. De minister stelde zich op het standpunt dat de uitingen de bekendheid met en de afzet van rookvrije alternatieven bevorderen en daarmee in strijd zijn met het reclameverbod van artikel 5 Trw. De rechtbank volgde dit standpunt grotendeels en liet de opgelegde boetes in stand. Het College sluit zich daarbij aan. Het stelt voorop dat de Trw een ruim reclamebegrip kent. Daaronder valt iedere mededeling of handeling in de economische sfeer die tot doel heeft of rechtstreeks dan wel zijdelings tot gevolg heeft dat de verkoop van tabaksproducten of aanverwante producten wordt bevorderd. Volgens het College maken de verschillende uitingen onderdeel uit van een bredere commerciële strategie van de fabrikant om rookvrije alternatieven onder de aandacht te brengen en het gebruik daarvan te stimuleren. Dat daarbij ook aandacht wordt besteed aan gezondheidswinst of schadebeperking, maakt de uitingen niet neutraal of uitsluitend informatief.

RB 4010

CBb: blokvorming in tabaksschap is reclame, sponsoring niet bewezen

Rechtspraak (NL/EU) 7 apr 2026,, RB 4010; ECLI:NL:CBB2026:137 ((Tabaksfabrikant tegen Staatsecretaris)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/cbb-blokvorming-in-tabaksschap-is-reclame-sponsoring-niet-bewezen

CBb 7 april 2026, RB 4010; ECLI:NL:CBB2026:137 (Tabaksfabrikant tegen Staatsecretaris). In deze zaak tussen een tabaksfabrikant (Philip Morris) en de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport staat de vraag centraal of de verkoop en presentatie van tabaksproducten op festivals ’t Strand (2018) en Amsterdam Open Air (2019) in strijd is met het reclame- en sponsoringverbod uit de Tabaks- en rookwarenwet (met name het in artikel 5 Tabaks- en rookwarenwet neergelegde verbod op reclame en sponsoring), en of de opgelegde boetes in stand kunnen blijven. De tabaksfabrikant exploiteerde op beide festivals een tabakskiosk, waarbij zij overeenkomsten had gesloten met de organisatoren en met een derde partij voor de exploitatie van de verkoopunits en het personeel. Uit inspecties van de NVWA volgt dat de producten in de kiosken op een specifieke wijze werden gepresenteerd: er was sprake van meerdere identieke verpakkingen per merkvariant (zogeheten “facings”), waardoor visuele blokken ontstonden, en bepaalde schappen (zoals bij Heets-tabaksticks) dienden niet als voorraad maar enkel als zichtpresentatie. Daarnaast werd op ’t Strand alleen vanuit de bovenste rij verkocht, terwijl de overige schappen zichtbaar bleven voor het publiek. De staatssecretaris legde boetes op wegens overtreding van zowel het reclame- als het sponsoringverbod. Volgens hem ging de presentatie verder dan een toegestane neutrale uitstalling en betaalde de fabrikant bovendien vergoedingen aan festivalorganisatoren die niet in verhouding stonden tot de opbrengsten, zodat sprake was van sponsoring. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt dat sprake is van overtreding van het reclameverbod.

RB 3971

CBB: exclusiviteitsafspraken en werkinstructies bij festivalverkoop geen reclame in de zin van de Tabaks- en rookwarenwet

Nederland 24 feb 2026,, RB 3971; ECLI:NL:CBB:2026:68 (([naam 1] tegen de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/cbb-exclusiviteitsafspraken-en-werkinstructies-bij-festivalverkoop-geen-reclame-in-de-zin-van-de-tabaks-en-rookwarenwet

CBB 24 februari 2026, RB 3971; ECLI:NL:CBB:2026:68 ([naam 1] tegen de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid)). Een tabaksfabrikant verkocht tijdens het festivalseizoen 2018 tabaksproducten bij drie Nederlandse festivals via daarvoor ingerichte verkooppunten. Daartoe sloot de fabrikant samenwerkingsovereenkomsten met de festivalorganisatoren waarin een distributievergoeding werd afgesproken: een vaste vergoeding (€ 110.000,- tot € 120.000,- per seizoen) die met 50% zou halveren indien een andere tabaksfabrikant ook op het festival aanwezig zou zijn, plus een variabele vergoeding gebaseerd op het aantal verkochte pakjes en het aantal bezoekers. Bij aanwezigheid van een andere top‑5‑fabrikant behield de tabaksfabrikant bovendien het recht om de samenwerking te beëindigen zonder aansprakelijkheid. Voor de feitelijke verkoop huurde de fabrikant een derde partij in, wier werknemers een werkinstructie moesten hanteren die onder meer voorschreef dat klanten die vroegen naar concurrerende merken moesten worden geadviseerd over welk product van de tabaksfabrikant het meest vergelijkbaar was. Na inspecties door de NVWA legde de staatssecretaris van VWS in oktober 2019 aan de fabrikant drie boetes van elk € 45.000,- op wegens overtreding van het reclameverbod van artikel 5 lid 1 Tabaks‑ en rookwarenwet. Volgens de staatssecretaris vormden zowel de exclusiviteitsafspraken als de werkinstructies ‘reclame’ in de zin van de wet, omdat zij als doel hadden de verkoop van tabaksproducten te bevorderen. In bezwaar handhaafde de staatssecretaris de boetes. De rechtbank Rotterdam oordeelde in augustus 2023 dat de fabrikant inderdaad het reclameverbod had overtreden met de distributievergoedingen en werkinstructies, maar matigde de boetes tot € 33.750,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.

RB 3825

Beroep gegrond: Onherroepelijke bestuurlijke boete en overschrijding redelijke termijn

Rechtspraak (NL/EU) 25 jan 2024,, RB 3825; ECLI:NL:RBROT:2024:391 (Eiseres tegen de Staat), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/beroep-gegrond-onherroepelijke-bestuurlijke-boete-en-overschrijding-redelijke-termijn

Rb. Rotterdam 25 januari 2024, RB 3825; ECLI:NL:RBROT:2024:391 (Eiseres tegen de Staat) In deze zaak heeft de eiseres vier bestuurlijke boetes van €450.000,- opgelegd gekregen door de staatssecretaris, vanwege het overtreden van het reclameverbod zoals vastgelegd in artikel 5 van de Tabaks- en rookwarenwet. Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen deze besluiten, maar de staatssecretaris heeft zijn standpunt gehandhaafd bij alle vier de besluiten. Hierdoor heeft eiseres beroep aangetekend tegen deze besluiten.

RB 3563

Boete na publicatie verkapte tabaksreclame

Rechtspraak (NL/EU) 12 okt 2021,, RB 3563; ECLI:NL:RBROT:2021:9962 (Eiseres tegen de Staatssecretaris van VWS), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/boete-na-publicatie-verkapte-tabaksreclame

Rechtbank Rotterdam 12 oktober 2021, RB 3563; ECLI:NL:RBROT:2021:9962 (Eiseres tegen de Staatssecretaris van VWS) Toezichthouder NVWA heeft naar aanleiding van een inspectie op de digitale krant van De Telegraaf een boete opgelegd. Ten grondslag ligt een overtreding van de Tabaks- en rookwarenwet. Eiseres voert in beroep bij de rechtbank aan dat de advertentie niet kwalificeert als reclame en subsidiair dat de boete in strijd is met het EVRM. De advertentie kan volgens de rechtbank niet anders worden begrepen dan dat dit als doel had om de verkoop van aanverwante producten, te weten e-sigaretten, te bevorderen. Het bestreden besluit komt niet in strijd met het in artikel 10 van het EVRM geformuleerde recht op vrijheid van meningsuiting. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. 

RB 3525

Aanprijzingen van speciale filter in strijd met Tabaks- en rookwarenwet

Nederland 2 jun 2021,, RB 3525; ECLI:NL:RBROT:2021:4828 (Eiseres tegen Staatssecretaris VWS), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/aanprijzingen-van-speciale-filter-in-strijd-met-tabaks-en-rookwarenwet

Rechtbank Rotterdam 2 juni 2021, RB 3525; ECLI:NL:RBROT:2021:4828 (Eiseres tegen Staatssecretaris VWS)  Eiseres heeft een boete opgelegd gekregen voor het maken van reclame voor tabaksproducten bij de promotie en verkoop van een filter voor sigaretten op een website. Op de website wordt volgens verweerder een direct verband gelegd tussen het gebruik van het filter en het positieve effect op de teerinname bij het roken van sigaretten, waardoor de suggestie wordt gewekt dat het roken van een sigaret met een Finitar filter beter voor de gezondheid zou zijn. Eiseres betoogt, dat op de website met een uiting als “Finitar filtert 43% teer uit een sigaret” uitsluitend wetenschappelijk onderbouwde informatie wordt verschaft over het filter en de technische werking daarvan. Van een aanprijzing van een tabaksproduct die rechtstreeks of onrechtstreeks het gevolg is van een commerciële mededeling is volgens haar geen sprake. De rechtbank oordeelt dat er terecht een boete is opgelegd, omdat de teksten op de website "prettige sensaties" opwekken. Hierdoor is er sprake van een aanprijzende werking. 

RB 3520

Tekst "Stoppen met roken begint hier!" is in strijd met de Tabakswet

Nederland 20 mei 2021,, RB 3520; ECLI:NL:RBROT:2021:4418 (Eiser tegen de Staatssecretaris van VWS), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/tekst-stoppen-met-roken-begint-hier-is-in-strijd-met-de-tabakswet

Rechtbank Rotterdam 20 mei 2021, RB 3520; ECLI:NL:RBROT:2021:4418 (Eiser tegen Staatssecretaris VWS) Eiser is in beroep gegaan tegen een door de Voedsel- en Warenautoriteit opgelegde boete. Voor de deur van zijn tabakswinkel had eiser een bord met de tekst "Stoppen met roken begint hier!" staan. De tekst op het bord wordt door de rechtbank gekwalificeerd als een wervende tekst en een commerciële mededeling. Dit is in strijd met de Tabakswet, omdat iedere vorm van het aanprijzen van tabaksproducten of aanverwante producten verboden is.