RB
DOSSIERS
Alle dossiers

Misleidende en vergelijkende reclame  

RB 917

Steekproef: te kleine groep

Hof 's-Gravenhage 17 mei 2011, KG ZA 09-1645 (Architectenweb B.V. tegen Sdu Uitgevers B.V.) met dank aan Lars Bakers en Floor de Ruijter, Bingh Advocaten

In navolging van IEF 8857 en IEF 8510. Reclamerecht. Architectenweb stelt dat SDU zich van misleidende reclame heeft bediend bij aanprijzen vakblad De Architect. (6:194 BW) Vorderingen afgewezen in eerste instantie (IEF 8510). Steekproef als bewijs. Te kleine groep (82 v/d 9.699 in het 'architecten-segment'), nalaten melding van bredere context in brochure. Crossmediaal bereik komt vrijwel geheel voor rekening van het vakblad.

Geen verbod brochure, wegens ontbreken spoedeisend belang, brochure wordt niet (meer) openbaar gemaakt. Onvoldoende gespecificeerd verbod op mededelingen met overeenkomende strekking. Eisvermeerderingen, ongeoorloofde reclame in mailing, feitelijk onjuiste mededeling gebruikers op website en onrechtmatige wijze profiteren dmv domeinnaamregistratie) worden allen afgewezen. Ook geen overige onrechtmatig handelen. Wel rectificatie gedurende twee maanden op o.a. www.dearchitect.nl.

12. (...) Volgens Sdu is 82 dus ruim voldoende. Sdu laat evenwel na te vermelden deze dezelfde bladzijde, één zin later, wordt aanbevolen om een steekproefgrootte van minimaal 100 te nemen; dan is 82 dus ruim onvoldoende. Wat hier ook verder van zij, dergelijke algemene uitspraken zijn niet toegesneden op het onderhavige geval. Het hof gaat hier aan voorbij. In de derde plaats blijkt volgens Sdu uit de uitgevoerde non-response analyse dat 82 een representatieve steekproefgrootte is. Deze analyse is echter niet in het geding gebracht, zodat het hof ook deze stelling als onvoldoende onderbouwd passeert.

13. Uit het voorgaande volgt dat de gebruikte steekproefgrootte van 82 naar gebruikelijke normen te klein is om verantwoord de gewraakte uitspraak over de onderhavige populatie (de mededeling in de brochure) te kunnen doen.

14. (...) Architectenweb heeft aangevoerd dat 'architect' in Nederland een beschermd beroep en een beschermde titel is (Stb. 1987, 347), en dat het desbetreffende onderzoek van The Choice niet uitsluitend onder architecten heeft plaatsgevonden. De enquêtes zijn name afgenomen onder 82 respondenten 'binnen het segment architect, zo blijkt uit het rapport van The Choice (blz. 16). Het onderzoek blijkt te zijn gedaan onder diverse typen beroepen die in de architectenbranche voorkomen, zoals tekenaars, managers en secretaresses. Uit de vragenlijst blijkt ook niet dat specifiek naar beroep of registratie is gevraagd (rapport The Choice, blz. 4). Derhalve is niet uitgesloten dat ook niet-architecten in de (toch al te kleine) steekproef van 82 respondenten zijn opgenomen. (...)

Lees de uitspraak hier (pdf - let op: 5,7 Mb)

RB 902

Hoofdprijs gewonnen?

RCC 28 maart 2011, Dossiernr. 2011/00100 (Garant-o-matic)

Reclamerecht. Verschillende mailings over prijzen "Wintertrekking." Klager acht teksten suggestief dus misleidend. Acht ook ontbreken van adres gerechtsdeurwaarder die trekking verricht onjuist en verwijst naar besluit Consumentenautoriteit van 21 september 2010. Verweerder stelt dat trekking in overeenstemming is met Gedragscode Promotionele Kansspelen (GPK). Vindt ook dat uit mailing duidelijk blijkt dat deelnemer slechts kanshebber is op hoofdprijs. Reglement staat in mails. Uitspraak Consumentenautoriteit gaat over ander type promotioneel kansspel.

Commissie gaat niet in op besluit Consumentenautoriteit. Verstaat klagers bezwaar als agressieve reclame (art. 14.2 NRC.) Acht dat uiting niet indruk wekt dat hoofdprijs is gewonnen. Ook vervolgmails zijn voldoende duidelijk. Ontbreken naam en adres gerechtdeurwaarder is niet in strijd met NRC of wet. Wijst klacht af.

3. Hoewel naar het oordeel van de Commissie door de aanhef van de aanvangsmailing (GD786C) “Bericht inzake afwikkeling van de betaling van een nog niet uitbetaalde hoofdprijs van € 100.000,00 in de ‘Wintertrekking’” op het eerste gezicht de indruk zou kunnen ontstaan dat de geadresseerde van de mailing (bijna) de hoofdprijs heeft gewonnen, wordt deze indruk door het vervolg van de mailing op voldoende duidelijke wijze weggenomen. Zo staat reeds in de eerste alinea dat wordt overgegaan tot uitbetaling van de hoofdprijs “na controle en goedkeuring van het correcte Bestelformulier dat voldoet aan de voorwaarden zoals hieronder vermeld” en staat in het vetgedrukte en onderstreepte gedeelte “Als u tijdig en correct uw Bestelformulier terugstuurt en u voldoet aan de onderstaande onder A, B en C vermelde voorwaarden, dan zal deze Hoofdprijs in de ‘Wintertrekking’ van € 100.000,00 aan u worden uitbetaald, want dan bent u de winnares.” Blijkens voorwaarde C moet bij controle het deelnamenummer van de geadresseerde gelijk zijn aan het vooraf getrokken winnende deelnamenummer.
Voorts is in de mailing het reglement van de actie opgenomen.

4. Gelet op het vorenstaande wordt naar het oordeel van de Commissie in de bestreden uiting niet de indruk gewekt dat de geadresseerde reeds de hoofdprijs van  € 100.000 heeft gewonnen, maar wordt voor de gemiddelde consument voldoende duidelijk gemaakt dat en aan welke bepaalde voorwaarden moet zijn voldaan om voor de prijs van € 100.000 in aanmerking te komen. Nu de looptijd van de Wintertrekking 2010/2011 nog niet is verstreken, is de winnaar nog niet bekend. De Commissie ziet geen aanleiding op voorhand ervan uit te gaan dat in het geheel geen prijs wordt toegekend. Klager kan met een beroep op artikel 4 lid 6 GPK en artikel 8 van het actiereglement een overzicht van de uitgekeerde prijzen opvragen bij Garant-O-Matic.

5. De Commissie acht eveneens voldoende duidelijk dat in de vervolgmailings nieuwe deelnamenummers worden toegekend waarmee onder dezelfde voorwaarden als met het eerder verstrekte nummer (opnieuw) aan de Wintertrekking of het Garant-O-Matic Prijzengala kan worden deelgenomen. In de vervolgmailings, die eveneens vergezeld gaan van het actiereglement, wordt niet gesteld of gesuggereerd dat door het niet insturen van het nieuwe deelnamenummer, gekoppeld aan een nieuwe bestelling, de deelname aan de actie met een eerder ingestuurd deelnamenummer vervalt.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art. 14.2

RB 901

Actievoorwaarden aan binnenzijde product

RCC 26 april 2011, Dossiernr. 2011/00192 (Palmolive Nutra.fruit)

Reclamerecht. Neckhanger met tekst "100% retour" bij douchecrème Palmolive. Klager kocht flacon in januari 2011, en actie "100% retour" liep tot 31 december 2010. Klager acht slogan derhalve misleidend. Commissie oordeelt dat er sprake is van te laat vermelden van essentiële informatie (art. 8.3 aanhef en onder c NRC) omdat actievoorwaarden aan binnenzijde neckhanger vermeld worden. Acht de uiting daarom in strijd met art. 7 NRC. Doet aanbeveling.

Tussen partijen staat vast dat Palmolive Nutra.fruit in januari 2011 nog in de winkel werd aangeboden in een flacon, die was voorzien van een neckhanger met de vermelding “100% Retour”, terwijl deze retouractie -behoudens wijziging- tot 31 december 2010 liep. Nu op de buitenzijde van de neckhanger niet is vermeld dat de actie loopt tot  31 december 2010, behoudens wijziging van die periode, maar dit pas valt op te maken uit de actievoorwaarden aan de binnenzijde van de neckhanger, waarvan men redelijkerwijs pas na aankoop kennis kan nemen, is er sprake van een te laat verstrekken van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art. 7 en art. 8.3 aanhef en onder c

RB 900

Sap van roze grapefruits

RCC 21 april 2011, Dossiernr. 2011/00201 (Coolbest PINK Grapefruit)

Reclamerecht. Verpakking van Coolbest Pink Grapefruit. Klager stelt dat product alleen grapefruit concentraat bevat aangelengd met bessensap. Ook vindt klager de tekst PINK in strijd met de waarheid en misleidend. Verweerder stelt dat product voor 99,5% uit grapefruitrassen met roze vruchtvlees is gemaakt. Bessensap is maar 0,5%. Verpakking maakt duidelijk dat PINK staat voor roze. Commissie trekt juistheid mededeling verweerder niet in twijfel. Productverpakking en woord PINK niet in strijd met NRC. Wijst klacht af.

Naar adverteerder bij verweer heeft meegedeeld, wordt CoolBest Pink Grapefruit voor 99,5% gemaakt uit grapefruitrassen waarvan het vruchtvlees roze is. De Commissie ziet geen reden om de juistheid van deze mededeling in twijfel te trekken.
Gelet op het bovenstaande is er geen aanleiding om te oordelen dat de verpakking, die gezien de afbeelding van roze grapefruits en de vermelding “PINK GRAPEFRUIT” duidt op het gebruik van roze grapefruits, in strijd is met de Nederlandse Reclame Code (NRC).
Dat ter aanduiding van de kleur van de gebruikte grapefruits gebruik is gemaakt van het Engelse woord PINK, betekent ook niet dat de uiting in strijd is met de NRC.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC

RB 899

Verzekering bij ONVZ

RCC 21 april 2011, Dossiernr. 2011/00238 (ONVZ)

Reclamerecht. Uiting van zorgverzekeraar over optimale keuzevrijheid. Klager acht uiting niet juist, nu zij geweigerd is na medeling alternatieve circuit te bezoeken. Verweerder zegt dat in uiting wezenlijk kenmerk van verzekering onder de aandacht wordt gebracht. Acht acceptatiebeleid van algemene bekendheid waardoor dit niet vermeld hoeft te worden in reclame. Commissie oordeelt dat de niet-acceptatie van klaagster de uiting niet misleidend maakt. Wijst de klacht af.

In de bestreden uiting wordt de ‘optimale vrijheid in de keuze van medicijnen, het ziekenhuis en welke arts of specialist u wilt inschakelen’ van ONVZ-verzekeringen aangeprezen. Het enkele feit dat klaagster kennelijk niet is geaccepteerd voor een (aanvullende) verzekering van ONVZ in verband met het consulteren van een mesoloog maakt - nog afgezien van de vraag of een mesoloog als arts of specialist moet worden beschouwd – de bestreden uiting niet misleidend.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)

RB 898

"Twintig juristen staan achter u"

RCC 26 april 2011, Dossiernr. 2011/00209 (Keizersgracht Juristen)

Reclamerecht. Reclame voor Keizergracht Juristen: "twintig juristen staan achter u" en "met recht de beste." Klager acht reclame in strijd met waarheid, goede smaak en fatsoen omdat er geen twintig juristen werkzaam zijn. Acht reclame oneerlijk en misleidend. Verweerder stelt dat twintig juristen hen ter beschikking staan, zij werken echter niet allemaal in loondienst, maar ook via andere samenwerkingsverbanden. Repliek en dupliek. Commissie acht klacht ongegrond nu verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij 20 juristen tot haar beschikking heeft. Ook is de slogan "met recht de beste" niet in strijd met NRC. Wijst klacht af.

1. De slogan “twintig juristen staan achter u”.

Naar het oordeel van de Commissie zal de gemiddelde lezer deze tekst -in de context van de bestreden uitingen- opvatten in die zin dat er in het kader van de dienstverlening door De Keizersgracht Juristen in elk geval “twintig juristen” beschikbaar zijn, om de klant bij te staan. Noch in de slogan zelf, noch in de bestreden uitingen waarin deze slogan voorkomt, ligt naar het oordeel de suggestie besloten dat al deze juristen in loondienst zijn van de Keizersgracht Juristen, ook niet door de bij de klacht overgelegde opsomming op www.keizersgracht.nl van een aantal personen, en wel minder dan 20, met een meesterstitel.

Adverteerder heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij samenwerkt met diverse juristen waaronder advocaten in binnen- en buitenland, die op basis van het abonnement dat klanten bij adverteerder afsluiten, kunnen worden ingeschakeld. Naar adverteerder niet althans onvoldoende weersproken heeft meegedeeld, gaat het inmiddels om een veelvoud van 20 juristen, terwijl er 15 jaar geleden, toen de slogan gelanceerd werd, sprake was van een groep van 20 juristen.  

Nu adverteerder een beroep kan doen op tenminste 20 juristen, acht de Commissie de klacht ongegrond.

2. Voor zover in de bestreden uitingen met betrekking tot “De Keizersgracht Juristen” is vermeld: “met recht de beste”, leidt dat niet tot het oordeel dat die uitingen in strijd zijn met de Nederlandse Reclame Code. Deze tekst geeft duidelijk het subjectieve oordeel van adverteerder weer, waarbij sprake is van enige in reclame gebruikelijke, en toelaatbare overdrijving.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)

RB 897

Geen voorbehoud verhoging internetsnelheid

RCC 27 april 2011, Dossiernr. 2011/00247 (Caiway)

Reclamerecht. Nieuwsbrief van Caiway waarin wordt aangekondigd dat internetsnelheid voor alle abonnees wordt verhoogd. Klager stelt dat onjuiste informatie is verstrekt, nu dit niet geldt voor Premium abonnement (komt nl. te vervallen). Verweerder stelt dat op moment van nieuwsbrief nog niet bekend was dat dit abonnement zou vervallen, dus geen sprake van onjuiste informatie. Deze klanten krijgen aanbieding op maat. Commissie oordeelt de uiting te absoluut, nu er geen voorbehoud is gemaakt. Acht dat er sprake is van onjuiste informatie (art. 8.2 aanhef NRC) en in strijd met art. 7 NRC. Doet aanbeveling.

De Commissie stelt vast dat klager een Premium abonnement heeft dat in ieder geval tot de uit de stukken blijkende datum van 1 april 2011 doorliep. In de nieuwsbrief van 1 december 2010 is door adverteerder zonder uitzondering een verhoging van de downloadsnelheden van alle internetabonnementen met ingang van januari 2011 aangekondigd. Uit een bericht op de website van 24 december 2010, dus enkele weken na het verschijnen van de bestreden nieuwsbrief, blijkt dat het Premium internetabonnement op termijn komt te vervallen en om die reden wordt uitgesloten van de eerder aangekondigde verhoging van de downloadsnelheid. Wat er zij van de juistheid van de mededeling van adverteerder dat ten tijde van verschijning van de nieuwsbrief nog geen besluit was genomen omtrent  beëindiging van het Premium abonnement, nu in de bestreden nieuwsbrief geen enkel voorbehoud is opgenomen ten aanzien van eventueel uit te sluiten abonnementen is de uiting naar het oordeel van de Commissie te absoluut.

De bestreden uiting gaat aldus gepaard met onjuiste informatie als bedoeld in artikel 8.2 aanhef van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Omdat de Commissie voorts van oordeel is dat de bestreden uiting de gemiddelde consument ertoe kan brengen een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, te weten de keuze om al dan niet over te stappen naar een andere provider, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art. 7, art. 8

RB 896

IT’S PURE UBIQUINON

RCC 11 mei 2011, Dossiernr. 2011/00091

Reclamerecht. Reclame voor product IT’S PURE UBIQUINON Q10 100MG op website. Klager acht uiting in strijd met art. 2, art. 4, art. 6 t/m 9 NRC en strijd met reclamecode van KOAG/KAG. Verweerder zegt abusievelijk verkeerde productteksten te hebben geplaatst en heeft deze verwijderd. Ook reactie van KOAG/KAG. Commissie beperkt zich tot toetsing aan NRC en oordeelt uiting in strijd met art. 2 NRC omdat er sprake is van verboden medische claim (art. 20 lid 2 onder a Warenwet). Ook in strijd met art. 7 NRC want sprake van onjuiste informatie (art. 8.2 aanhef en onder b NRC). In zoverre de klacht gaat over in strijd met art. 4, 6 en 9 NRC treft deze geen doel en wijst deze af. Doet aanbeveling.

1) De Commissie stelt voorop dat zij zich bij de beoordeling van reclame-uitingen beperkt tot toetsing van die uitingen aan de NRC. Voor zover klager met zijn opmerking dat de uiting in strijd is met “de reclame code van de Keuringsraad KOAG/KAG” doelt op de Code Aanprijzing Gezondheidsproducten overweegt de Commissie dat zij in beginsel niet bevoegd is reclame-uitingen te toetsen aan de CAG.

2) Op het in de bestreden uiting aangeprezen product IT’S PURE UBIQUINON Q10 100MG, dat in de vorm van capsules in de handel wordt gebracht en om die reden kan worden aangemerkt als een voor orale nuttiging door de mens bestemd middel, is de Warenwet van toepassing. Ingevolge artikel 20 lid 2 onder a van de Warenwet is het verboden eet- en drinkwaar aan te prijzen met gebruikmaking van vermeldingen of voorstellingen, die aan de waar eigenschappen toeschrijven inzake het voorkomen, behandelen of genezen van een ziek­te van de mens, of die toespelingen maken op zodanige eigenschappen. Het hiervoor onder “De bestreden reclame-uiting” weergegeven tekstgedeelte bevat mededelingen over de gunstige werking van IT’S PURE UBIQUINON Q10 100MG op bloedend en terugtrekkend tandvlees, het versnellen door Q10 van de energieomzetting in het tandvlees met als gevolg dat de tanden weer muurvast zitten en het tandvlees dat dankzij Q10 weer een gezonde kleur heeft, niet meer bloedt en prima aansluit. Deze mededelingen dienen naar het oordeel van de Commissie te worden opgevat als een verboden medische claim in de zin van artikel 20 lid 2 onder a van de Warenwet. De uiting is daarom in strijd met artikel 2 NRC.

3) Klager heeft voorts aangevoerd dat sprake is van misleidende reclame, nu de uiting “onwaar en onjuist” is. Adverteerder heeft daarop niet aannemelijk gemaakt dat IT’S PURE UBIQUINON Q10 100MG de in de uiting daaraan toegeschreven heilzame werking ten aanzien van parodontitis heeft. Dit impliceert dat de uiting onjuiste informatie bevat over de van het product te verwachten resultaten als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder b NRC, welke resultaten als een van de voornaamste kenmerken van het product moeten worden beschouwd. Om die reden is de uiting tevens misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

4) Niet kan worden geoordeeld dat de uiting een bedreiging vormt voor de lichamelijke volksgezondheid of dat hierin geappelleerd wordt aan gevoelens van angst als bedoeld in de artikelen 4 en 6 NRC. Evenmin is sprake van getuigschriften, attesten of verklaringen van deskundigen in de zin van artikel 9 NRC. In zoverre treft de klacht geen doel.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regelingen: NRC art. 2, art. 4, art. 6 t/m 9; Warenwet art. 20 lid 2 onder a

RB 895

Rollator blijft gratis - advertentie misleidend

Voorzitter RCC 2 mei 2011, Dossiernr. 2011/00277 (rollator)

Reclamerecht. Uiting voor rollator. Volgens klager is deze in strijd met fatsoen en aanzet tot misbruik ziektekostenverzekering. Verweerder zegt dat advertentie door intern misverstand is geplaatst en acht advertentie misleidend nu rollater niet uit ziektekostenpakket verdwijnt. Voorzitter oordeelt dat Comissie klacht zal toewijzen, nu er sprake is van onjuiste informatie (art. 8.2 aanhef NRC) en advertentie in strijd is met art. 7 NRC. Doet aanbeveling.

De voorzitter is van oordeel dat de Commissie de klacht zal toewijzen. Hij overweegt daartoe het volgende.

Adverteerder heeft verklaard dat de advertentie als misleidend kan worden opgevat, nu deze ten onrechte de indruk wekt dat de rollator binnenkort uit het basispakket van de ziektekos­ten­verze­ke­ring verdwijnt. Gelet hierop is sprake van onjuiste informatie als bedoeld in artikel 8.2 aanhef Nederlandse Reclame Code (NRC). Voorts is de voorzitter van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de uiting misleidend en daar­door oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art. 7, art. 8.2 aanhef 

RB 890

1+1 actie Gilette bij Kruidvat misleidend

RCC 1 april 2011, Dossiernr. 2011/00150 (Gilette scheermesjes)

Reclamerecht. Uiting op website en uiting in winkel van Kruidvat over aanbieding 1+1 gratis op het gehele Gilette assortiment. Klager kocht twee 3-packs Gilette scheergel en moest de prijs van de twee producten betalen omdat volgens caissière de actie 1+1 gratis niet gold voor dit product. Nu dit niet bleek uit uitingen vindt klager deze misleidend. Verweerder stelt dat het ging om een actieverpakking en dat duidelijk is dat de 1+1 gratis actie niet voor actieverpakking geldt, dus vindt dat er geen sprake is van misleiding.

Commissie oordeelt dat er geen voorbehoud is gemaakt bij de 1+1 gratis actie en klager daarom terecht in de veronderstelling verkeerde dat tweede product gratis zou zijn. Acht de uiting onduidelijk (art. 8.2 aanhef en onder d NRC) en misleidend dus in strijd met art. 7 NRC. Doet aanbeveling.

 

De mededeling “1+1 gratis” betekent dat men bij aanschaf van één product, er één product gratis bij krijgt. Klager verkeerde, naar het oordeel van de Commissie, daardoor terecht in de veronderstelling dat hij bij aanschaf van een 3-pack Gillette Fusion scheergel een tweede 3-pack Gillette Fusion scheergel gratis zou krijgen. Bovenin de uiting staat dat de actie geldt voor een keuze uit het hele Gillette heren en dames assortiment en dat alle combinaties mogelijk zijn. Er wordt geen enkel voorbehoud gemaakt, ook niet in de verschillende asterisken waarnaar in de tekst wordt verwezen. Er was dan ook geen enkele reden om te veronderstellen dat de actie niet zou gelden voor een 3-pack Gillette Fusion scheergel. Nu de actie niet voor dit product blijkt te gelden, acht de Commissie de uiting misleidend.

Blijkens het voorgaande acht de Commissie de uiting voor de gemiddelde consument  onduidelijk als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder d van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Voorts is de Commissie van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Lees de gehele uitspraak hier (link en pdf)
Regeling: NRC art. 7 en art. 8.2 aanhef en onder d.