RB
DOSSIERS
Alle dossiers

Misleidende en vergelijkende reclame  

RB 4079

Aanbieding voor 22 wasbeurten misleidend door oudere flessen in het schap

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 23 jul 2026,, RB 4079; 2026/00217 ([klager] tegen Robijn en Albert Heijn), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/aanbieding-voor-22-wasbeurten-misleidend-door-oudere-flessen-in-het-schap

RCC 23 juni 2026, RB 4079; 2026/00217 ([klager] tegen Robijn en Albert Heijn). In deze zaak staat een aanbieding van Albert Heijn voor Robijn Wol & Fijn centraal. Op het schapkaartje werd in het kader van een actie “2+3 gratis” als voorbeeld een fles met 22 wasbeurten genoemd. In het betreffende schap stonden alleen uitsluitend flessen waarop 18 wasbeurten waren vermeld. Albert Heijn voert aan dat sprake was van een tijdelijke overgangssituatie. De fabrikant had de samenstelling van het wasmiddel aangepast, waardoor de nieuwe, geconcentreerdere variant 22 wasbeurten bevatte. In de folder en de app werd deze nieuwe verpakking al getoond, terwijl in enkele filialen nog oude voorraad met 18 wasbeurten aanwezig was.

RB 4078

Niet-beschikbare "vanaf"-prijs voor raamhor is misleidend

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 16 jun 2026,, RB 4078; 2026/00272 ([klager] tegen Solerza), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/niet-beschikbare-vanaf-prijs-voor-raamhor-is-misleidend

RCC 16 juni 2026, RB 4078; 2026/00272 ([klager] tegen Solerza). In deze zaak staat een prijsvermelding op de website van Solerza centraal. Bij een plissé raamhor werd, in combinatie met 40% korting, een vanafprijs van € 26,34 genoemd. Volgens klager was het product echter bij geen enkele beschikbare maatvoering of configuratie daadwerkelijk voor dat bedrag te bestellen. Solerza voert aan dat zij maatwerkproducten aanbiedt, waarvan de prijs afhankelijk is van onder meer de afmetingen, uitvoering en aanvullende opties. Vanafprijzen zijn volgens haar gebaseerd op de minimale maatvoering en de eenvoudigste productconfiguratie. Tijdens een reguliere prijsoptimalisatie zou echter tijdelijk een afwijking zijn ontstaan in de prijsweergave van het betreffende product. Deze afwijking is inmiddels gecorrigeerd.

RB 4073

Claims over CO₂-neutraal wegenzout misleidend door ontbrekende tijdshorizon

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 27 mei 2026,, RB 4073; 2026/00057 (Eurosalt tegen Gogreensalt), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/claims-over-co-neutraal-wegenzout-misleidend-door-ontbrekende-tijdshorizon

RCC 27 mei 2026, RB 4073; 2026/00057 (Eurosalt tegen Gogreensalt). In deze zaak tussen Eurosalt en GoGreenSalt staat de reclame voor een mengsel van 75% wegenzout en 25% olivijn centraal. Op de website wordt GoGreenSalt onder meer aangeprezen als “CO₂-neutraal wegenzout”, “Hét duurzame wegenzout” en “Dé groene keuze in gladheidsbestrijding”. Ook worden concrete claims gedaan over de hoeveelheid CO₂ die het product uit de atmosfeer zou opnemen. De Commissie stelt vast dat de reclame is gericht op zakelijke afnemers, in het bijzonder wegbeheerders. De uitingen zijn duurzaamheidsreclame waarop de Code voor Duurzaamheidsreclame van toepassing is. Duurzaamheidsclaims moeten duidelijk, specifiek en ondubbelzinnig zijn. Naarmate een claim absoluter is geformuleerd, worden zwaardere eisen gesteld aan de onderbouwing.

RB 4069

Booking moet inzicht geven in eerdere kennis van onjuiste locatiegegevens bij accommodatie

Rechtspraak (NL/EU) 3 aug 2026,, RB 4069; ECLI:NL:RBAMS:2026:7389 ([verzoeker] tegen Booking), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/booking-moet-inzicht-geven-in-eerdere-kennis-van-onjuiste-locatiegegevens-bij-accommodatie

Rb. Amsterdam 10 juli 2026, RB 4069; ECLI:NL:RBAMS:2026:7389 ([verzoeker] tegen Booking). Via Booking.com werd voor € 2.540 een accommodatie in Griekenland geboekt. In de advertentie stond dat de accommodatie op slechts enkele tientallen meters van Komi Beach lag en op de kaart werd zij direct aan zee weergegeven. Bij aankomst bleek de accommodatie volgens de boekers op aanzienlijke afstand van het strand en in een afgelegen gebied te liggen. Na annulering werd slechts € 132 terugbetaald. De aanspraken van de boeker en de betaler zijn vervolgens gecedeerd aan de verzoeker, die in de Europese procedure voor geringe vorderingen betaling van het resterende bedrag van € 2.408 vordert. Hij stelt dat de advertentie misleidend was en beroept zich op een oneerlijke handelspraktijk, dwaling en non-conformiteit. De kantonrechter acht de Nederlandse rechter bevoegd omdat Booking in Amsterdam is gevestigd. Op grond van de rechtskeuze in de algemene voorwaarden is Nederlands recht van toepassing, zonder dat de consument de bescherming verliest die hij aan dwingend Spaans recht ontleent.
 

RB 4062

Basic-Fit-reclame misleidend door ontbreken inschrijfkosten

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 6 jun 2026,, RB 4062; 2026/00261 (Klager tegen Basic-Fit), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/basic-fit-reclame-misleidend-door-ontbreken-inschrijfkosten

RCC 6 juni 2026, RB 4062; 2026/00261 (Klager tegen Basic-Fit). Basic-Fit adverteert op haar website met de mededeling “Sport nu 2 weken gratis”, gevolgd door de toelichting dat de aanbieding geldt bij een nieuw jaarabonnement met een duur van “2 + 52 weken”. Een consument klaagt dat de gratis weken in werkelijkheid aan het einde van het abonnement worden toegevoegd en dat hij bij inschrijving inschrijfgeld en later abonnementskosten moest betalen. De voorzitter oordeelt dat de mededeling over de twee gratis weken op zichzelf niet misleidend is. Uit de direct zichtbare toelichting begrijpt de gemiddelde consument dat hij in totaal 54 weken kan sporten en slechts voor 52 weken abonnementskosten betaalt. De uiting vermeldt niet dat specifiek de eerste twee weken gratis zijn. Bovendien blijkt uit de stellingen van partijen dat pas na twee weken abonnementskosten in rekening worden gebracht. Dat de gratis weken bij de klager aan het einde van de looptijd zijn toegevoegd, maakt het aanbod daarom niet onjuist.

RB 4054

ACM-boete Volkswagen herroepen wegens schending ne-bis-in-idembeginsel

Rechtspraak (NL/EU) 2 jun 2026,, RB 4054; ECLI:NL:CBB:2026:227 (Volkswagen tegen ACM), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/acm-boete-volkswagen-herroepen-wegens-schending-ne-bis-in-idembeginsel

CBb 2 juni 2026, RB 4045; ECLI:NL:CBB:2026:227 (Volkswagen tegen ACM). De ACM legt Volkswagen op grond van de Wet handhaving consumentenbescherming een bestuurlijke boete van € 450.000 op wegens drie gestelde oneerlijke handelspraktijken rond dieselauto’s met de verboden EA 189-manipulatiesoftware. Volgens de ACM handelt Volkswagen in strijd met de vereisten van professionele toewijding door de verboden software te installeren, te gebruiken en te verzwijgen. Daarnaast zou zij consumenten hebben misleid met milieuclaims, zoals “schoner rijden” en “meest milieuvriendelijke en ecologisch verantwoorde dieselversie”, en ten onrechte de indruk hebben gewekt dat de auto’s aan de voorwaarden voor de Europese typegoedkeuring voldeden. De rechtbank Rotterdam laat de boete in stand. Volkswagen stelt in hoger beroep dat zij voor hetzelfde feitencomplex al onherroepelijk is bestraft door het Duitse openbaar ministerie, dat haar een boete van € 1 miljard oplegde: € 5 miljoen als sanctie en € 995 miljoen ter ontneming van het verkregen economische voordeel.

RB 4046

Gebruik handelsnaam “Dynamiet Nederland” in Google Ads onrechtmatig

Nederland 11 jun 2026,, RB 4046; ECLI:NL:RBROT:2026:6806 ((Dynamiet tegen [gedaagden])), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/gebruik-handelsnaam-dynamiet-nederland-in-google-ads-onrechtmatig

Rb. Rotterdam 11 juni 2026, IEF 23668; RB 4046; ECLI:NL:RBROT:2026:6806 (Dynamiet tegen [gedaagden]). In dit kort geding bij verstek oordeelt de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam over zoekmachineadvertenties waarin de naam Dynamiet Nederland wordt gebruikt. Dynamiet Nederland B.V. en [gedaagden] zijn concurrenten op het gebied van dienstverlening aan consumenten die een BKR-registratie willen laten verwijderen. Dynamiet vordert onder meer een verbod op het gebruik van haar handelsnaam en varianten daarop in advertentie-uitingen, en verwijdering van de reclame-uiting "Beter dan Dynamiet Nederland".

RB 4041

RCC: misleidende reclame wekt ten onrechte indruk dat Becel vezelrijk is

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 6 jul 2026,, RB 4041; 2025/00645 (klacht tegen Becel Nederland), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rcc-misleidende-reclame-wekt-ten-onrechte-indruk-dat-becel-vezelrijk-is

RCC 23 april 2026, RB 4041; 2025/00645 (klacht tegen Becel Nederland). In deze zaak tussen klager en Becel Nederland staat de vraag centraal of een TikTok-video over Becel met Haver & Vezels misleidend is. Volgens klager wekt de reclame ten onrechte de indruk dat het product een wezenlijke bijdrage levert aan de vezelinname en een romige haversmaak heeft. De voorzitter van de Reclame Code Commissie oordeelt dat de reclame voor wat betreft de vezelclaim in strijd is met artikel 8 van de Claimsverordening en artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code. De klacht over de smaakomschrijving wordt afgewezen. In de TikTok-video wordt Becel met Haver & Vezels gepresenteerd als een eenvoudige manier om meer vezels binnen te krijgen. Daarbij wordt onder meer gesproken over de 'fibermaxing trend', een 'boost van vezels' en de claim: "Zo voeg ik per boterham 10% extra vezels toe". Volgens Becel ziet die claim uitsluitend op de extra hoeveelheid vezels die wordt toegevoegd aan een snee volkorenbrood met een portie van het product. Klager vindt dat de reclame de bijdrage van het product aan de vezelinname overdreven voorstelt en betwist ook de omschrijving "heerlijke romige haversmaak". De voorzitter kijkt naar de totale indruk van de reclame.

RB 4040

RCC: aanduiding 'vegan' zonder uitleg over gebruik van speurhonden onvoldoende duidelijk

Zelfregulering (RCC, KOAG/KAG) 2 jul 2026,, RB 4040; 2025/00376 (Mister Kitchen’s truffle mayo), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rcc-aanduiding-vegan-zonder-uitleg-over-gebruik-van-speurhonden-onvoldoende-duidelijk

RCC 19 december 2025, RB 4040; 2025/00376 (Mister Kitchen’s truffle mayo). In deze zaak tussen klager, Mister Kitchen en Albert Heijn draait het om de vraag of de aanduidingen 'vegan', 'veganistisch' en 'vgn' misleidend zijn. De truffelmayonaise bevat echte truffel en bij het zoeken naar die truffels worden honden ingezet. De voorzitter van de Reclame Code Commissie beoordeelt of de gemiddelde consument, en in het bijzonder de gemiddelde veganistische consument, door de gebruikte aanduidingen een onjuiste indruk krijgt van de manier waarop het product tot stand komt. De voorzitter benadrukt dat zijn oordeel alleen ziet op de vier uitingen waartegen de klacht is gericht: de Instagrampost, de verpakking, de productpagina en het schaplabel. Hij gaat daarom niet in op het verzoek van klager om ook andere producten met truffel en een veganclaim te beoordelen. Volgens klager wekken de aanduidingen 'vegan', 'veganistisch' en 'vgn' ten onrechte de indruk dat bij de productie van het product op geen enkele manier dieren zijn gebruikt. Omdat honden worden ingezet om de truffels op te sporen, is daarvan volgens klager geen sprake. Mister Kitchen erkent dat honden worden gebruikt bij het zoeken naar truffels. Volgens haar bestaat internationaal echter geen overeenstemming over de vraag of truffels daardoor niet meer als vegan kunnen worden aangemerkt. Zij wijst onder meer op het ICEA-keurmerk, dat het gebruikte truffelproduct als vegan certificeert. Albert Heijn sluit zich daarbij aan. Ook andere internationaal erkende keurmerken stellen volgens haar niet als eis dat tijdens het productieproces geen dieren mogen worden ingezet voor arbeid. Daarnaast verwijst Albert Heijn naar het Voedingscentrum, dat volgens haar een beperktere uitleg van het begrip 'vegan' hanteert. De voorzitter stelt vast dat niet ter discussie staat dat de mayonaise echte truffel bevat en dat honden worden ingezet om die truffels te vinden. De kern van het geschil is daarom niet hoe het productieproces verloopt, maar welke betekenis de gemiddelde consument aan de aanduidingen 'vegan', 'veganistisch' en 'vgn' geeft. Meer specifiek gaat het om de vraag of de gemiddelde veganistische consument daaruit mag afleiden dat bij de productie van de ingrediënten helemaal geen dieren zijn betrokken, ook niet voor arbeid.

RB 4039

Verpakking van gevaarlijke stoffen mag niet lijken op voedselverpakking, ook niet bij een klein gezondheidsrisico

buitenland 2 jul 2026,, RB 4039; ECLI:EU:C:2026:508 (Orkla Care AB tegen Kemikalieinspektionen), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/verpakking-van-gevaarlijke-stoffen-mag-niet-lijken-op-voedselverpakking-ook-niet-bij-een-klein-gezondheidsrisico

AG Szpunar 18 juni 2026, LS&R 2407; RB 4039; ECLI:EU:C:2026:508 (Orkla Care AB tegen Kemikalieinspektionen). In deze prejudiciële procedure tussen Orkla Care AB en de Zweedse Kemikalieinspektionen staat de uitleg centraal van artikel 35 lid 2 van de CLP-verordening. Aanleiding vormt een geschil over de verpakking van vloeibare wasmiddelen van Orkla Care, die volgens de Zweedse toezichthouder te veel lijkt op verpakkingen van voedingsmiddelen. De verwijzende rechter vraagt het Hof van Justitie onder meer welke beoordelingscriteria gelden bij de beoordeling of een verpakking consumenten kan misleiden, welk referentiekader daarbij moet worden gehanteerd en of rekening moet worden gehouden met de ernst van het gezondheidsrisico van de stof. Advocaat-generaal Szpunar concludeert dat de CLP-verordening een ruime bescherming van de volksgezondheid beoogt en dat verpakkingen van gevaarlijke stoffen geen gelijkenis mogen vertonen met voedselverpakkingen waardoor consumenten deze met elkaar kunnen verwarren. Orkla Care brengt vloeibare wasmiddelen op de markt in langwerpige kartonnen verpakkingen met een vierkante bodem, een gevouwen bovenzijde en een schroefdop. Nadat consumenten hadden gemeld dat deze verpakkingen deden denken aan drank- en zuivelverpakkingen, onderzocht de Zweedse toezichthouder of de verpakking voldeed aan artikel 35 lid 2 CLP. Daarbij werd niet alleen gewezen op de vorm van de verpakking, maar ook op de kleurstelling en een label waarop stond vermeld dat het product "vegan" is. Volgens de toezichthouder konden consumenten de verpakking daardoor aanzien voor een levensmiddel. Orkla Care werd daarom verboden de producten nog langer in deze verpakking op de markt te brengen. De nationale rechter stelde vervolgens meerdere prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie. De advocaat-generaal stelt voorop dat de beoordeling of een verpakking lijkt op die van een levensmiddel steeds per geval moet plaatsvinden, maar wel aan de hand van uniforme Unierechtelijke criteria. Daarbij moeten alle waarneembare kenmerken van de verpakking worden betrokken, waaronder de vorm, afmetingen, inhoud, gebruikte materialen, ontwerp, etikettering, kleur en zelfs geur. De beoordeling mag zich dus niet beperken tot één afzonderlijk element van de verpakking, maar moet uitgaan van de totaalindruk die deze wekt.