NS misleidt met 4%-korting bij ineens-betaling OV Jaarkaart
RCC 22 december 2014, RB 2293 (NS)
Aanbeveling. Art. 8.2 onder d RC. De uiting: “Bij betaling ineens van de OV Jaarkaart ontvangt u 4% korting. Deze korting is in de prijs verwerkt.”. De klacht: Klager stelt dat de uiting misleidend is omdat bij het narekenen blijkt dat geen sprake is van een korting van 4% maar van 3.1%. Door navraag bij de telefonische klantenservice werd duidelijk dat de korting enkel wordt berekend over het deel van de prijs dat betrekking heeft op de diensten van de NS. Op de website wordt echter geen enkel voorbehoud gemaakt en kan ten onrechte geconcludeerd worden dat de korting over het hele bedrag is berekend.
1) De voorzitter constateert dat niet in geschil is dat in de bestreden uiting ten onrechte een korting van 4% wordt vermeld, terwijl het in werkelijkheid slechts een korting van 3% over het totale bedrag betreft. Aldus is geen juiste informatie verstrekt over het bestaan van een specifiek prijsvoordeel van het product als bedoeld onder d van artikel 8.2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Voorts is de voorzitter van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de uiting misleidend en oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
2) De voorzitter is van oordeel dat adverteerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij passende maatregelen heeft genomen, zodat ervan kan worden uitgegaan dat sprake is van een eenmalige fout. Om die reden zal de voorzitter gebruik maken van zijn bevoegdheid als bedoeld in artikel 12 lid 5 van het Reglement van de Reclame Code Commissie en het College van Beroep en een aanbeveling achterwege laten.
Aanbeveling. Misleiding. Art. 7 en 8.2 NRC. De uiting: “De live optredens zijn altijd zeer spraakmakend. Zorg daarom dat je op tijd Sting tickets bestelt”. “Beschikbare Paul Simon & Sting tickets: vakken A/B/C voorraad: 20, Eerste Ring Lange Zijde voorraad: 20." De klacht: De website geeft consistent aan dat er nog 20 tickets beschikbaar zijn, waardoor het lijkt alsof de consument zich moet haasten om een ticket te kunnen bemachtigen. Het ligt niet voor de hand dat er van elk concert inderdaad slechts 20 tickets beschikbaar zijn.
Voorzittersbeslissing. Afwijzing (gedeeltelijk). Misleiding. Art. 7 NRC. De uiting: Het betreft advertenties die op Google verschijnen na het invoeren van bepaalde zoekopdrachten. De klacht: onwetende klanten in Nederland zullen op de onderhavige Google-advertenties klikken en vervolgens een product kopen waarvoor tegen een zeer lage prijs wordt geadverteerd. In de uitingen wordt niet gezegd dat de prijs exclusief btw, invoerrechten en eventuele PostNL kosten is. Hierdoor krijgt de consument die iets bestelt achteraf btw en een boete opgelegd. Ook kunnen er invoerrechten worden geheven en bestaat de mogelijkheid van vernietiging van het pakket. In de uitingen wordt niet gezegd dat het praktisch onmogelijk is om producten bij defecten te retourneren. Op de pakbon worden voorts extreem lage bedragen vermeld om de Nederlandse douane te omzeilen. Klager stelt dat Google adverteerder hierbij helpt en stelt dat Google hierop dient te worden aangesproken.
Vernietiging (gedeeltelijk). Aanbeveling. Art. 7 NRC. BRC sub b. Het College is van oordeel dat de door NHA bedoelde cursussen die uitsluitend “erkenning in de markt” genieten niet als “erkend” kunnen worden beschouwd. Het enkele feit dat de door NHA aangeboden cursussen in de markt wel een bepaald aanzien genieten, is onvoldoende om deze dezelfde status toe te kennen als de officieel door het Ministerie van OCW of de desbetreffende branche erkende cursussen. Het College vernietigt daarom de bestreden beslissing met betrekking tot de televisiecommercial waarin wordt gezegd dat men bij NHA “400 erkende opleidingen en cursussen” vindt. “Erkend door Ministerie van Onderwijs” en “De voordeligste erkende opleider van Nederland” in de context van de hier bedoelde uitingen wekt bovendien de indruk dat de erkenning ziet op het gehele opleiding- en cursusaanbod van NHA, zodat ook in dit opzicht sprake is van misleiding en oneerlijke reclame.
Voorzitterstoewijzing. Aanbeveling. Goede smaak en fatsoen. Art. 2 NRC. De uiting: Het betreft de website www.funda.nl voor zover ten aanzien van de woning aan de [adres] wordt meegedeeld: “Droomhuis gevonden? Slaap er eerst een nachtje!”. De klacht: De reclame suggereert dat een belangstellende in de woning kan overnachten. Dit is intimiderend voor de huizenbezitter, in dit geval de twee bejaarde ouders van klager. Zij zijn zich niet bewust van het feit dat hun woning wordt ingezet voor deze reclame-uiting.
Boetebesluit AFM naar aanleiding van de uitzending van een reclamespotje over een beleggingsproduct, waarin onvoldoende duidelijk is gewaarschuwd voor mogelijke risico’s. Artikel 51, derde lid, MiFID-richtlijn. Toetsingskader artikelen 1:97 en 1:98 Wft. De artikelen 1:97 en 1:98 Wft moeten richtlijnconform worden toegepast. Dit betekent dat het College thans van oordeel is, anders dan in eerdere uitspraken is overwogen, dat moet worden getoetst of het besluit van AFM om tot publicatie van het boetebesluit over te gaan geen onevenredige schade toebrengt aan de betrokken partijen. In het onderhavige geval is daarvan geen sprake.
Uit het
Eerder
Aanbeveling. Misleiding. Voornaamste productkenmerken. Art. 7 en 8.2 NRC. De uiting: Het betreft de website www.fiaformulae.com voor zover op deze website in verband met Formule E races, waarbij met elektrische voertuigen wordt gereden, wordt gezegd dat deze zullen plaatsvinden “in the heart of 10 of the world’s leading cities - including London, Bejing and Los Angeles - racing around their iconic landmarks”. Op de website zijn voorts beelden te zien van raceauto’s in het centrum van Londen waarbij het gebouw van het Britse parlement en de Big Ben zichtbaar zijn. Boven de foto’s staat: “Formula E races into London”. De klacht: De Formule E races worden aangeprezen als een evenement waarbij in het centrum van steden wordt geracet, waarbij onder meer foto’s van het Britse parlement zijn te zien. Inmiddels zijn de autoriteiten teruggekomen op hun beslissing deze races in het centrum van steden mogelijk te maken. Klager maakt bezwaar tegen laatstbedoelde mededelingen en de foto’s die de suggestie wekken dat in het centrum van de stad langs de iconische bezienswaardigheden daarvan wordt geracet.