RB

Media  

RB 1984

De hypotheker had associaties met dierenmishandeling niet beoogd

Vz. RCC 16 oktober 2013, dossiernr. 2013/00702 (De Hypotheker)
Voorzittersafwijzing. Het betreft een televisiecommercial van adverteerder waarin onder meer een fragment van een jongeman met een pony is te zien.
De klacht - Mede gelet op recente voorbeelden van mishandeling van pony’s, is het fragment van een volwassen man met een kleine pony zeer onpasselijk.

Het oordeel van de voorzitter
De Voorzitter vat de klacht aldus op dat klaagster de televisiecommercial in strijd met de goede smaak en/of het fatsoen acht als bedoeld in de artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Bij de beantwoording van de vraag of een reclame-uiting in strijd is met deze criteria stelt de Commissie zich terughoudend op, gezien het subjectieve karakter daarvan.

Met inachtneming van deze terughoudendheid is de Voorzitter van oordeel dat in de onderhavige uiting de grenzen van het toelaatbare niet zijn overschreden.

In de televisiecommercial wordt op duidelijk overdreven en humoristisch bedoelde wijze tot uitdrukking gebracht dat het gezin te groot is geworden voor het huidige huis, de tuin en de huisdieren. Voor zover dit wordt uitgebeeld in het fragment van een jongeman en een pony, blijkt dat de jongeman niet op de pony zit, maar in feite op de grond staat terwijl de pony loopt. De Voorzitter is van oordeel dat dit niet als dierenkwelling of mishandeling kan worden gezien. Voor zover de commercial associaties oproept met dierenmishandeling is dit onmiskenbaar niet door de adverteerder beoogt. De klacht dient op grond van het voorgaande te worden afgewezen.

De beslissing van de voorzitter
Op grond van het hierboven overwogene wijst de voorzitter de klacht af.

RB 1982

Geen BTW is niet 21% maar 18% korting en dus misleidend

Vz. RCC 21 oktober 2013, dossier 2013/00620 en 2013/00772 (BTW-korting)
Voorzitterstoewijzing. Het betreft de televisiereclame voor de ‘deze week geen BTW-actie’ ofwel “BTW Vrij Markt-actie” van adverteerder. In de televisiecommercial wordt onder meer gezegd: “deze week betaal je bij Praxis geen BTW op heel veel producten”. De tekst “geen BTW” verschijnt ook in beeld bij het noemen en tonen van verschillende productgroepen waarop deze actie van toepassing is, waarbij onder in beeld de tekst verschijnt: “zie praxis.nl voor de actievoorwaarden”.
De klacht - In de commercial wordt gesuggereerd dat men 21% korting krijgt bij adverteerder. Bij de kassa blijkt de korting echter op grond van de door adverteerder gehanteerde rekenmethode 18% te zijn. Klager acht de reclame op grond van het voorgaande misleidend.

Het oordeel van de voorzitter
1) De voorzitter is van oordeel dat de klacht de Commissie aanleiding zal geven een aanbeveling te doen, en overweegt daartoe het volgende.

2) In de commercials wordt uitdrukkelijk gezegd: “deze week betaal je bij Praxis geen BTW op heel veel producten”. De gemiddelde consument, die geacht kan worden op de hoogte zijn van het feit dat in de koopprijs van het product BTW is inbegrepen, zal naar het oordeel van de voorzitter deze mededelingen aldus opvatten, dat in het kader van bedoelde actie de prijzen worden verlaagd, en wel met hetzelfde percentage als de BTW. In feite zal de consument derhalve de onderhavige actie opvatten als een 21% kortingsactie. Van de gemiddelde consument kan niet worden verwacht dat hij weet dat het onjuist is in verband met de actie 21% korting te berekenen over het bedrag inclusief BTW. Indien men het bedrag inclusief BTW op juiste wijze wil terugrekenen naar het bedrag exclusief BTW, dient immers het bedrag inclusief BTW te worden verminderd met een rekenpercentage van 17,35%.

3) Het voorgaande impliceert dat de consument moet worden geïnformeerd over de wijze waarop de actie moet worden uitgelegd om te voorkomen dat bij hem onjuiste verwachtingen worden gewekt omtrent het voordeel waarop hij op grond van de actie recht heeft. Deze infor-matie is essentieel in de zin van artikel 8.3 aanhef en onder c NRC. Het gaat immers om de hoogte van het voordeel en daarmee om de prijs die de consument uiteindelijk dient te betalen. Nu in de uiting dergelijke informatie ontbreekt, is sprake van een omissie als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c NRC. Voorts is de voorzitter van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht zou kunnen worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet zou hebben genomen. Om die reden is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC. De enkele verwijzing in de uiting naar de actievoorwaarden leidt niet tot een ander oordeel. Voor essentiële informatie kan immers niet worden volstaan met een enkele verwijzing naar voorwaarden die elders kunnen worden geraadpleegd.

De beslissing van de voorzitter
De voorzitter acht de bestreden reclame-uitingen in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC.
Hij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
Regeling:    NRC (nieuw) art. 7
NRc (nieuw) art. 8.3 onder c.

RB 1979

ProstEase ten onrechte aangeduid als natuurlijk product

RCC 18 oktober 2013, dossiernr. 2013/00311 (ProstEase)
Het betreft een uiting op www.naturesrange.nl voor het voedingssupplement ProstEase. Onder een afbeelding van de verpakking van het product staat onder meer:
“ProstEase TM voor het behoud van een normale prostaat. ProstEase is een natuurlijk voedingssupplement voor het behoud van een normale prostaat. Goed voor de prostaat. Goed voor de prostaatfunctie. Voor het behoud van een normale prostaat”  en “ProstEase bestaat uit een complete formule met 25 ingrediënten waaronder de vruchten van de zegepalm (serenoa repens), (…) He Shou Wu wortelextract, lycopeen en zink”.
 
De klacht - De klacht, voor zover gehandhaafd in klaagsters e-mails, kan als volgt worden samengevat.
3. Waarom zink aan ProstEase is toegevoegd en zo natuurlijk wordt gevonden, is een raadsel. Mineralen met zink dienen een flinke bewerking te ondergaan om zink te isoleren. Veel natuurlijks is daar niet aan en dat betekent dat ProstEase ook niet erg natuurlijk is.

1. Volgens een bij de klacht overgelegde monografie van Natural Medicines Comprehensive Database kan Polygonum Multiflorum (in het Chinees: He Shou Wu) leverschade veroorzaken. Er is dus geen sprake van dat er bij het gebruik van ProstEase geen bijverschijnselen zouden zijn.
Voorts is er onvoldoende betrouwbare informatie beschikbaar over de werkzaamheid van Polygonum Multiflorum.
2. Over de werkzaamheid van Serenos repens is meer informatie beschikbaar, maar volgens de betere studies heeft dit ingrediënt weinig effect. Bovendien zijn er de nodige -zij het lichte- bijverschijnselen.
4. Veel kan niet worden gezegd over het totale effect van ProstEase, omdat maar 6 van de 25 ingrediënten worden genoemd. De overige ingrediënten zouden ook moeten worden vermeld. Wat dat betreft biedt de uiting onvoldoende informatie. Overigens dient de samenstelling op de verpakking te worden vermeld. Die ziet men pas als men de bestelling heeft ontvangen, en dat is te laat. 

Het oordeel van de Commissie
Met betrekking tot de verschillende bezwaren overweegt de Commissie het volgende.
Ad 1 en 2.
In de bestreden uiting wordt niet gesteld of gesuggereerd dat het gebruik van ProstEase geen bijverschijnselen met zich zou brengen. Derhalve acht de Commissie dit onderdeel van de klacht ongegrond.
Voor zover klaagster de werking van afzonderlijke ingrediënten betwist, moet in de eerste plaats worden beoordeeld of het product ProstEase ingrediënten bevat waaraan de bestreden werking kan worden toegeschreven, en zo ja, of er sprake is van een werkzame hoeveelheid. De Commissie toetst in dit verband aan Verordening (EG) 1924/2006 (hierna: de Claimsverordening), aangezien de claims
“voor het behoud van een normale prostaat”
“goed voor de prostaat” en
“goed voor de prostaatfunctie”
moeten worden aangemerkt als gezondheidsclaims in de zin van artikel 2 lid 5 van de Claimsverordening,
De Commissie constateert dat niet is gebleken dat het onderhavige product ingrediënten bevat ten aanzien waarvan is komen vast te staan dat zij voornoemde gezondheidsclaims rechtvaardigen. De ingrediënten die in de uiting worden genoemd, staan deels niet op de lijst van goedgekeurde claims als bedoeld in Verordening (EU) Nr. 432/2012 van de Europese Commissie van 16 mei 2012 en rechtvaardigen, voor zover zij wel op die lijst staan (zink), niet de onderhavige, specifiek voor de prostaat bedoelde claims. Voor het overige is niet gebleken dat er momenteel, waar het betreft de in de uiting genoemde ingrediënten, zodanige claims aanhangig zijn bij de Europese Commissie.
Op grond van het bovenstaande zijn de bewuste gezondheidsclaims in strijd met de Claimsverordening en daardoor in strijd met de wet als bedoeld in artikel 2 van Nederlandse Reclame Code (NRC).

Ad 3.
Klaagster heeft de juistheid van de mededeling “natuurlijk voedingssupplement” gemotiveerd weersproken, door te stellen dat mineralen met zink een flinke bewerking moeten ondergaan, om zink te isoleren. Vervolgens heeft adverteerder volstaan met de mededeling dat zink een essentieel sporenelement is en een belangrijke rol in het lichaam speelt. Aldus is niet aannemelijk geworden dat de mededeling “natuurlijk voedingssupplement” juist is.
Gelet hierop is de Commissie van oordeel dat de uiting gepaard gaat met onjuiste informatie ten aanzien van de voordelen van het product als bedoeld in artikel 8.2 NRC. Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Ad 4.
In de uiting is duidelijk vermeld dat ProstEase 25 ingrediënten bevat. Dat hiervan maar 6 ingrediënten met name zijn genoemd, betekent niet dat de uiting in strijd is met de NRC. Meer in het bijzonder is er naar het oordeel van de Commissie geen sprake van een verborgen houden van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om en geïnformeerd besluit over een transactie te nemen als bedoeld in artikel 8.3 onder c NRC.

Gelet op het bovenstaande wordt als volgt beslist.

De beslissing
Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen acht de Commissie de reclame-uiting in strijd met de artikelen 2 en 7 NRC. Zij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
Voor het overige wijst de Commissie de klacht af.

Regeling: NRC (nieuw) art. 2 (wet)
NRC (nieuw) art. 7
NRC (nieuw) art. 8.2 aanhef

RB 1975

"Gratis tablet" krijg je niet, maar maak je kans op

RCC 1 november 2013, dossiernr. 2013/00441 (Gratis Tablet)
Latitude 10 TabletAanbeveling. Het betreft de per e-mail aan klager gezonden reclame-uiting met de aanhef
“GRATIS Android Tablet, een uniek kado voor jou! Gefeliciteerd, het AD is vernieuwd en deelt uit om dat te vieren! Jij krijgt daarom alleen deze week nog een Android 0.4 Tablet kado.”
De klacht - In de uiting wordt aan klager een gratis tablet in het vooruitzicht gesteld. Nadat klager zijn persoonlijke gegevens op de website had ingevuld, bleek echter dat hij slechts kans maakte op een gratis tablet.

Het oordeel van de Commissie
Allereerst overweegt de Commissie dat de onderhavige reclame-uiting misleidend is, aangezien daarin aan klager gratis een Android Tablet wordt aangeboden, terwijl klager in werkelijkheid slechts kans maakt om deze tablet gratis te krijgen.

Blijkens het voorgaande is de Commissie van oordeel dat in de reclame-uiting voor de gemiddelde consument onjuiste informatie wordt verstrekt als bedoeld in artikel 8.2 aanhef van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Voorts is de Commissie van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de reclame-uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

Thans dient beoordeeld te worden wie voor de gewraakte reclame-uiting verantwoordelijk dient te worden gehouden.

De Commissie is van oordeel dat het AD voor de uiting verantwoordelijk moet worden gehouden en overweegt daartoe als volgt.

Het AD heeft, teneinde meer abonnees te krijgen, Digimo benaderd om de marketing voor abonnementenwerving te verzorgen en heeft daartoe een (digitale) advertentie geaccordeerd. Nu het AD de aanprijzing van zijn product heeft overgelaten aan een derde, i.c. Digimo, van wie het AD geacht moet worden te (hebben ge)weten dat deze daarbij gebruik maakt van zogenaamde affiliates, die belang hebben bij het behalen van een gunstig verkoopresultaat, moet het AD geacht worden zich bewust te zijn geweest van het risico dat het daarmee nam. In verband daarmee had het AD maatregelen behoren te nemen om er voor te zorgen dat zijn product wordt aangeprezen op een wijze die niet in strijd is met wet- en regelgeving.

Op het verzoek aan het AD om met bescheiden aan te tonen de geëigende maatregelen te hebben genomen, stelt het AD een waarschuwing te hebben doen uitgaan en, na kennis te hebben genomen van de gewraakte reclame-uiting, het contact met Digimo te hebben verbroken en verzocht te hebben een rectificatie te plaatsen. Daarbij heeft het AD volstaan met het overleggen van een kopie van de geaccordeerde reclame-uiting.

Niet is daarmee aangetoond dat het AD voorwaarden heeft gesteld aan de wijze waarop voor het AD abonnees mogen worden geworven dan wel dat het AD maatregelen heeft genomen om te voorkomen dat dit gebeurt op een wijze die in strijd is met de NRC.

Gelet hierop acht de Commissie het AD voor de gewraakte reclame-uiting (mede) verantwoordelijk.

Ten aanzien van Digimo overweegt de Commissie dat Digimo niet heeft weersproken de gewraakte reclame-uiting te hebben (doen) verspreiden, zodat zij ook Digimo voor de gewraakte reclame-uiting verantwoordelijk acht.

De beslissing
Op grond van het vorenstaande acht de Commissie de reclame-uiting in strijd met artikel 7 NRC en beveelt zij verweerders aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

 

Regeling: NRC (nieuw) art. 7

NRC (nieuw) art. 8.2 aanhef

RB 1968

Niet aangetoond dat CheapTickets de belofte van de beste deal op het betreffende moment niet waar maakte

RCC 16 oktober 2013, dossiernr 2013/00685 (cheap tickets)
Afwijzing. Het betreft reclame voor CheapTickets.nl op www.google.nl.
Daarin staat onder www.cheaptickets.nl/GoedkopeTickets” onder meer: “Vergelijk de Goedkoopste Tickets En Boek Direct op CheapTickets.nl! op CheapTickets.nl  - alle airlines, alle bestemmingen, altijd de beste deals (..)” en “Boek de Goedkoopste Vliegtickets!”. Onder “CheapTickets.nl: Goedkoopste vliegtickets!” staat onder het kopje “Ryanair” onder meer:  “Goedkoop uw vliegtickets met Ryanair boeken…”.
 De klacht - Deze kan als volgt worden samengevat. Gegrepen door teksten zoals “Altijd de beste deals”, “Goedkoopste vliegtickets” en vooral “Goedkoop uw vliegtickets met Ryanair boeken…” boekte één van klagers reisgenoten via CheapTickets.nl 4 tickets voor een vlucht met Ryanair naar Pula (Kroatië) voor 9 september. Na boeking bekeek klager de prijzen indien rechtstreeks zou zijn geboekt bij Ryanair. Bij CheapTickets bleek € 113,56 meer ofwel ruim 37% meer te moeten worden betaald.
Omdat klager voor de terugreis van Split naar Rotterdam met als vertrekdatum 25 september bij CheapTickets geen directe vlucht zag, boekte hij voor € 460,- rechtstreeks 4 tickets bij Transavia. Later zag klager dat deze tickets ook bij CheapTickets konden worden geboekt, en wel voor € 598,-, dus voor 30% meer.
Klager vindt dat adverteerder zijn naam niet waarmaakt komt en acht de uiting misleidend.

Het oordeel van de Commissie
Naar het oordeel van de Commissie zal de gemiddelde consument de uiting opvatten in die zin dat CheapTickets.nl inzicht geeft in de op het moment van raadplegen van die site beschikbare, goedkoopste vliegtickets en dat die tickets via CheapTickets.nl kunnen worden geboekt.

Het feit dat klager heeft ervaren dat hij bepaalde tickets op enig moment rechtstreeks bij de luchtvaartmaatschappijen Ryanair respectievelijk Transavia goedkoper kon boeken dan op een ander moment via CheapTickets.nl, betekent niet dat CheapTickets.nl niet op het moment van raadplegen van de site de goedkoopste, beschikbare tarieven toont. De klacht mist dan ook een feitelijke grondslag.

Gelet op het bovenstaande wordt als volgt beslist.

 

De beslissing
De Commissie wijst de klacht af.

RB 1967

Door kopje "Free Breakfast" krijgt men de indruk dat het om een speciale aangeprezen dienst gaat

RCC 16 oktober 2013, dossiernr 2013/00685
Aanbeveling. Het betreft adverteerders website met de aanhef: “ebookers speciale aanbiedingen voor NH Plaza de Armas. Zie hieronder voor beschikbare aanbieding(en) voor dit hotel. De korting wordt toegepast op de prijs exclusief BTW en kosten” waarna onder meer staat:  “Includes Breakfast Algemene voorwaarden: Free Breakfast Geldigheid: Free Breakfast”. alsmede de pagina “Sevilla Reisgegevens: Vlucht + Hotel” waarop de vluchtgegevens staan en de mogelijke kamertypes zijn vermeld.
De klacht - Klager wilde hotel “NH Plaza de Armas” in Sevilla boeken “Included Free Breakfast”, dat als een speciale aanbieding wordt gepresenteerd. Op de pagina waar de vlucht- en hotel-gegevens moeten worden ingevuld, moet een keuze worden gemaakt tussen een standaardkamer zónder ontbijt en een standaardkamer mét ontbijt.
Aangezien klager een kamer met ontbijt wilde hebben, koos hij voor de tweede optie waarvoor € 278,06 extra in rekening werd gebracht, in de verwachting dat bij voltooiing van de boeking de meerprijs, waarvan hij vermoedde dat deze verband hield met het  ontbijt, weer op de totale reissom in mindering zou worden gebracht, gezien de speciale e-bookers aanbieding “Free Breakfast”. Dit bleek evenwel niet te gebeuren, zodat adverteerder zijn Free Breakfast-aanbieding, die in de eerste stap van het boekingsproces wordt gedaan, niet nakomt.

Klager voelt zich hierdoor misleid.
Telefonisch heeft een medewerker van adverteerder aan klager meegedeeld dat voor de duurdere standaardkamer van € 278,06 een betere annuleringsregeling geldt. Echter  beide standaardkamers worden op de website, afgezien van de prijs, alleen van elkaar onderscheiden door de mededeling mét of zónder ontbijt.

Het oordeel van de Commissie
In de gewraakte reclame-uiting, waarin een stedentrip naar Sevilla wordt aangeboden, is sprake van een uitnodiging tot aankoop van een reisdienst, zodat de Reclamecode Reisaanbiedingen (RR) daarop van toepassing is. Ingevolge artikel IV sub 1 RR zijn aanbieders, conform artikel III lid 1 RR, gehouden tot het hanteren van correcte en duidelijke prijzen. Een uitnodiging tot aankoop moet informatie bevatten als vermeld in artikel 8.4 van de Nederlandse Reclame Code (NRC).

In de uiting staat dat adverteerder daarin “speciale aanbiedingen” doet, waarna onder het vetgedrukte kopje “Includes Breakfast” staat: “Free Breakfast”. Hierdoor krijgt men de indruk dat deze dienst als een speciale aanbieding wordt aangeprezen.

Nadat men op adverteerders website een vlucht heeft geselecteerd, dient men een keuze te maken uit drie kamertypes. Niet dan wel onvoldoende duidelijk is waarin deze kamers zich van elkaar onderscheiden. Bij de eerste kamer staat “Deze kamer is inbegrepen in de totaalprijs”. Voor de tweede kamer moet een meerprijs worden betaald van € 66,82 en voor de derde kamer -de enige kamer waarbij uitdrukkelijk staat “Includes Breakfast”- geldt een meerprijs van € 278,06.

Gezien de mededeling “Includes Breakfast” bij de laatste en duurste kamer-keuzemogelijkheid krijgt men de indruk deze optie te moeten aanklikken als men van de aanbieding “Free Breakfast” gebruik wil maken.

Dat het prijsverschil is gelegen in een betere annuleringsregeling, valt uit de uiting niet op te maken, zodat de Commissie klagers conclusie dat dit verband houdt met de wél daarbij staande mededeling “Includes Breakfast” alleszins begrijpelijk acht.

Evenmin is duidelijk op welke wijze men kan bewerkstelligen dat men gebruik maakt van de aanbieding “Free Breakfast”.

Op grond van het vorenstaande is de Commissie van oordeel dat de wijze waarop de prijs(opbouw) wordt vermeld onvoldoende duidelijk is en daarom in strijd is met artikel IV sub 1 RR.

 

De beslissing
Op grond van het vorenstaande acht de Commissie de uiting in strijd met artikel IV sub 1 RR en beveelt zij adverteerder aan niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

 

Regeling: RRA IV. sub 1.

RB 1966

TradeTracker heeft bij door haar geplaatste advertenties niet de zorgplicht te controleren op frauduleuze kliks

Hof Amsterdam 29 oktober 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:3722 (Vliegticketinfo B.V. tegen TradeTracker Nederland B.V.)
TradeTracker en Vliegticketinfo hadden een overeenkomst gesloten over het plaatsen van advertenties van Vliegticketinfo op de websites van relaties van TradeTracker. Vliegticket is gehouden te betalen per klik, de kliks werden bijgehouden door Nedstat. Per e-mail heeft Vliegticket op 23 oktober 2009 het vertrouwen in TradeTracker opgezegd en de overeenkomst per direct gestaakt. De administratie betreffende de kliks van Trade Tracker wijkt af van die van NedStat. Volgens Vliegticketsinfo heeft TradeTracker te veel kliks in rekening gebracht en klikfraude gepleegd. De rechtbank heeft de vorderingen van Vliegticketinfo afgewezen en het hof gaat hier in mee.

Er is afgesproken dat bij een dispuut de meetresultaten van TradeTracker doorslaggevend zijn. Vliegticketinfo heeft niet duidelijke, ondubbelzinnige aanwijzingen getoond dat de registratie van TradeTracker onjuist is. TradeTracker heeft deze gegevens onweersproken overlegd en het hof ziet dan ook geen aanleiding tot het opleggen van de administratie van TradeTracker.

Het is ook niet aan TradeTracker om te verklaren waarom er meetverschillen bestaan tussen haar administratie en die van Nedstat. Vliegticketinfo heeft niet voldoende onderbouwd dat TradeTracker kliks in rekening heeft gebracht die aantoonbaar niet hebben plaatsgevonden. Ook heeft zij niet voldoende aangetoond dat advertenties niet op alle sites waren geplaatst. Verder geeft Vliegticketinfo niet aan welke kliks volgens haar dubieus zijn. Tradetracker heeft geen wanprestatie gepleegd. Het uitvoeren van controle hoort niet per se tot de zorgplicht van TradeTracker als opdrachtnemer en zij heeft de in rekening gebracht bedragen voor 'afgekeurde' kliks gecrediteerd. Volgens het hof blijkt overigens nergens uit dat TradeTracker alle kliks dient te controleren op frauduleuze kenmerken, laat staan dagelijks en zonder concrete aanleiding.

Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen af.

Beoordeling
3.12 Het hof overweegt naar aanleiding van deze grieven het volgende. Het is, zoals onder 3.6 reeds overwogen, aan Vliegticketinfo om feiten en omstandigheden aan te voeren die, indien juist, tot de conclusie leiden dat niet van de registratie van TradeTracker kan worden uitgegaan. Vliegticketinfo voert bij de onderhavige grieven in feite alleen maar aan dat er meetverschillen bestaan in het aantal kliks en dat TradeTracker voor die verschillen geen sluitende verklaring heeft gegeven. Niet valt echter in te zien waarom op TradeTracker de verplichting zou rusten een sluitende verklaring voor de meetverschillen te geven. De vaststelling dat zij daarin niet is geslaagd, kan dan ook niet worden aangemerkt als een feit of omstandigheid leidend tot een gerechtvaardigde twijfel aan de juistheid van de registratie van TradeTracker. Vliegticketinfo heeft daarnaast nog gesteld dat in de zomer van 2009 sprake is van een piek in de meetverschillen en daarmee van een nog grotere afwijking dan eerder het geval was. Ook daarin is evenwel geen concrete aanwijzing te vinden dat de meting van TradeTracker onjuist is. Vliegticketinfo heeft nagelaten om – al dan niet aan de hand van de door TradeTracker overgelegde lijst - in concreto aan te geven welke van de door TradeTracker geregistreerde kliks niet zouden hebben plaatsgevonden. Zij heeft evenmin aangevoerd dat het voor haar onmogelijk is om haar stellingen - bijvoorbeeld door het inschakelen van een eigen deskundige - nader te concretiseren. Omdat Vliegticketinfo haar stelling dat TradeTracker kliks in rekening heeft gebracht die aantoonbaar niet hebben plaatsgevonden aldus onvoldoende heeft onderbouwd, gaat het hof aan die stelling voorbij.

3.17 Grief 5 luidt dat de rechtbank ten onrechte overweegt dat het aan Vliegticketinfo is om de kliks te controleren. Dat is in strijd met de overeenkomst en de zorgplicht van TradeTracker en bovendien feitelijk onmogelijk, aldus Vliegticketinfo. Vliegticketinfo voert daartoe meer concreet het volgende aan. Artikel 2.1 van de algemene voorwaarden verplicht TradeTracker om alle activiteiten op de website van Vliegticketinfo die gegenereerd worden door de affiliaties te inspecteren. Voorts rust op grond van de zorgplicht van een goed opdrachtnemer op TradeTracker de plicht om maatregelen te treffen die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend bedrijf dat webadvertentiediensten aanbiedt mogen worden verwacht. TradeTracker is toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van deze verplichtingen. Vliegticketinfo licht dat als volgt toe. Een groot concurrerend webadvertentiebedrijf als Google filtert en analyseert kliks zowel geautomatiseerd als handmatig. Het percentage reactief afgekeurde kliks bedraagt bij Google slechts 0,02% hetgeen bevestigt dat TradeTracker, die achteraf 34% van de kliks afkeurt, tekortschiet in haar verplichtingen. TradeTracker kan op eenvoudige en volledig geautomatiseerde wijze controleren of, op het moment dat een klik wordt gegenereerd, op de website van de betreffende affiliate daadwerkelijk de juiste advertentie heeft gestaan. TradeTracker beschikt immers over alle gegevens om die controle uit te voeren. Er zijn diverse bedrijven die websites automatisch controleren op de aanwezigheid van bepaalde inhoud zoals advertenties. Vliegticketinfo kan die controle niet uitvoeren. Zij krijgt de gegevens achteraf en een controle achteraf is illusoir. Bovendien adverteren affiliates als MSN en Google weer op andere websites hetgeen zij helemaal niet kan controleren. Vliegticketinfo kon slechts zien de hoeveelheid kliks die per affiliate waren gegenereerd. Zo was niet zichtbaar of er bijvoorbeeld vanuit een Spaans- of Chineestalig land op een Nederlandstalige advertentie was geklikt wat, indien dat het geval was geweest, waarschijnlijk duidt op fraude. Juist op basis van dergelijke gegevens heeft TradeTracker besloten om een groot deel van de gegenereerde kliks af te keuren. Vliegticketinfo heeft alles gedaan wat in redelijkheid mogelijk was om de kliks te controleren. Meer dan het instellen van de controle door Nedstat kon van haar niet worden verlangd, aldus nog steeds Vliegticketinfo.

3.18. Vliegticketinfo bedoelt bij grief 5 kennelijk te stellen dat TradeTracker op twee punten is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen, namelijk door niet te controleren of kliks afkomstig zijn van een website waarop een advertentie van Vliegticketinfo te zien is, en door niet te controleren of sprake is van kliks met kenmerken die aanleiding geven te veronderstellen dat sprake is van fraude, zoals kliks vanuit een Spaans- of Chineestalig land. Het hof zal beide punten hieronder afzonderlijk bespreken.

3.19. TradeTracker voert ten aanzien van de eerste door Vliegticktinfo gestelde tekortkoming als verweer dat zij steekproefsgewijs de websites van haar affiliaties controleert en dat zij daarmee heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 2.1 van de algemene voorwaarden. Het is ondoenlijk, aldus TradeTracker, om dagelijks miljoenen webpagina’s van haar ruim 35.000 affiliates te controleren. Het hof oordeelt als volgt. Vliegticketinfo beroept zich op artikel 2.1 van de algemene voorwaarden dat bepaalt dat TradeTracker alle activiteiten op de website van Vliegticketinfo, die gegenereerd worden door de affiliates, dient te inspecteren. Vliegticketinfo licht evenwel onvoldoende toe waarom TradeTracker de afspraak dat zij de activiteiten op de website van Vliegticketinfo inspecteert zo dient in te vullen dat zij bij elke klik dient te controleren of er op dat moment daadwerkelijk een advertentie van Vliegticketinfo op de website van een affiliate heeft gestaan. De enkele omstandigheid dat het technisch mogelijk is om dit volledig geautomatiseerd te doen en dat bepaalde bedrijven als dienst aanbieden om websites op de aanwezigheid van content, bijvoorbeeld advertenties, te controleren, zoals Vliegticketinfo stelt, is daartoe onvoldoende. Dat een dergelijke controle technische mogelijk en op de markt beschikbaar is, maakt evenmin dat het uitvoeren van die controle tot de zorgplicht van TradeTracker als opdrachtnemer behoort.

3.20. Het hof overweegt ten aanzien van de tweede door Vliegticketinfo gestelde tekortkoming als volgt. Vliegticketinfo stelt zelf dat TradeTracker de door haar, TradeTracker, geregistreerde kliks voor de periode van 1 juni 2009 tot en met 13 oktober 2009 achteraf heeft gecontroleerd, 34 % van de kliks heeft ‘afgekeurd’ op grond van kenmerken die op fraude wijzen en vervolgens de daarvoor in rekening gebrachte bedragen heeft gecrediteerd. Daaruit volgt dat het kennelijk mogelijk is de kliks achteraf op frauduleuze kenmerken te beoordelen en dat TradeTracker dat ook heeft gedaan nadat Vliegticketinfo daarom had verzocht. Het valt dan ook niet in te zien dat TradeTracker op dit punt is tekortgeschoten in enige verplichting. Vliegticketinfo stelt immers niet dat TradeTracker over de desbetreffende periode meer kliks had moeten afkeuren dan zij heeft gedaan en zij stelt evenmin, zoals reeds overwogen, voldoende concreet dat in de periode voorafgaand aan de gecontroleerde periode sprake is geweest van kliks met kenmerken die wijzen op fraude. Evenmin is gesteld of gebleken dat Vliegticketinfo aan TradeTracker heeft verzocht de kliks in die periode alsnog te controleren. Vliegticketinfo stelt nog wel dat het ook in die periode om 34% aan frauduleuze kliks zal gaan maar die conclusie is onvoldoende op feiten gebaseerd.

Lees de uitspraak hier:
Rechtspraak.nl (link)
Rechtspraak.nl (pdf)

RB 1965

"Break the rules" De reclame is stoer, maar niet realistisch voor kinderen

RCC 14 oktober 2013 dossiernr. 2013/00693 (Duthler)
Afwijzing. Subjectieve normen. Het betreft een folder van adverteerder getiteld “Musthave Jackets, kids & teens collectie”. Op pagina 9 van deze folder staat een afbeelding met drie jongetjes die een garagedeur proberen open te breken en daarbij staan de teksten “break the rules” en “is ie open?”.
De klacht - In de uiting wordt gesuggereerd dat het normaal is voor lagere school jongens om zich niets van de regels aan te trekken. Terwijl twee jongetjes proberen een deur open te breken, staat één jongetje kennelijk op de uitkijk (voor de politie?). Omdat kinderen van deze leeftijd zeer beïnvloedbaar zijn, acht klaagster deze uiting niet behoorlijk.

Het oordeel van de Commissie
De Commissie vat de klacht aldus op dat klaagster de uiting in strijd acht met de goede smaak en/of het fatsoen. Bij de beoordeling van de vraag of een reclame-uiting met (één van) deze criteria in strijd is, stelt de Commissie zich terughoudend op, gezien het subjectieve karakter daarvan. Met inachtneming van deze terughoudendheid is de Commissie de oordeel dat de gewraakte uiting niet met de NRC in strijd is.

Met de duidelijk in scène gezette foto, beoogt adverteerder aan het kledingmerk Duthler een stoere uitstraling te geven. De op de foto aangebrachte teksten en de ingetekende attributen versterken het niet realistische karakter van de afbeelding. Naar het oordeel van de Commissie is ook voor kinderen c.q. voor leeftijdgenoten van de afgebeelde jongetjes voldoende duidelijk dat de uiting geen realistische situatie toont, zodat de uiting niet geacht kan worden tot navolging aan te zetten. 

De beslissing
De Commissie wijst de klacht af.

RB 1962

Reclame in de vorm van pornografische dvd is in strijd met eisen van goede smaak en fatsoen

RCC 15 oktober 2013, dossiernr. 2013/00646(pornografische DVD)
Het betreft een aan klager toegestuurde DVD.
De klacht- Klager maakt -kort samengevat- bezwaar tegen het feit dat hem deze pornografische DVD ongevraagd is toegestuurd. Klager acht het verachtelijk dat een dergelijke uiting ongevraagd wordt toegestuurd. Klager heeft twee jonge kinderen en deze hadden de enveloppe met voor hen ongeschikte afbeeldingen kunnen openen. Voorts ziet klager in de op de DVD staande tekst “Unsubscribe from this disc call 0844 096 1055” een poging om software op zijn pc te plaatsen of om bankgegevens te bemachtigen.

Het oordeel van de Commissie
De klacht richt zich tegen een reclame-uiting die in Engeland openbaar is gemaakt maar waarvan de adverteerder in Nederland is gevestigd. Aldus is sprake van een grensoverschrijdende reclame-uiting, waarover de Commissie bevoegd is te oordelen.

De Commissie vat klagers bezwaar aldus op dat hij van oordeel is dat adverteerder in strijd met de eisen van goede smaak en fatsoen reclame heeft gemaakt door klager de onderhavige uiting ongevraagd toe te sturen.

Bij de beoordeling van de vraag of een reclame-uiting in strijd is met eerdergenoemde criteria stelt de Commissie zich terughoudend op, gezien het subjectieve karakter daarvan. Met inachtneming van eerdergenoemde terughoudendheid is de Commissie van oordeel dat door adverteerder de grens van het toelaatbare is overschreden.

Zij overweegt daartoe dat de uiting die, naar klager stelt, hem ongevraagd is toegestuurd, seksueel prikkelende afbeeldingen bevat. Nu klager onverhoeds met deze afbeeldingen is geconfronteerd, heeft adverteerder in strijd met de goede smaak en het fatsoen en derhalve in strijd met de artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC) reclame gemaakt.

 

Klager heeft met betrekking tot de op de DVD staande tekst “Unsubscribe from this disc call 0844 096 1055”, verschillende vermoedens geuit, doch nu van enige grondslag voor de juistheid van deze vermoedens niet is gebleken, acht de Commissie dit onderdeel van de klacht ongegrond.

 

De beslissing
Op grond van het vorenstaande acht de Commissie de uiting in strijd met artikel 2 NRC en beveelt zij adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
Voor het overige wijst zij de klacht af.
Regeling: NRC (nieuw) art. 2 (goede smaak en fatsoen)

 

RB 1961

Ook Biomed fresh eyes kan wallen niet verwijderen zonder operatie

RCC 8 oktober 2013, dossiernr. 2013/00713 (Biomed fresh eyes)
Aanbeveling. Misleiding. Het betreft een uiting in “De Posthoorn” van 28 augustus 2013. Onder de kop “Wallen verwijderen en ooglidcorrectie zonder operatie!” wordt het product “Fresh Eyes” van Biomed aangeprezen met onder meer de volgende tekst: “Eindelijk een wallen- en donkere kringen crème die wallen laat verdwijnen en de huid onder én boven de ogen weer glad en strak maakt…binnen drie minuten!” “Ongelofelijk, na slechts één tube Biomed Fresh Eyes had ik geen vermoeide ogen meer en leek ik wel vijf jaar jonger!” De uiting eindigt met de “Aanbieding”: “Twee tubes voor slechts € 35,-!”.
De klacht - De uiting is misleidend. Boven de uiting staat niet dat het een advertentie betreft. Klager meende daarom dat sprake was van een artikel over een nieuw middel en geloofde de tekst. Klager, die twee kleine tubetjes voor de aanbiedingsprijs van € 35,- heeft gekocht, voelt zich door de uiting “behoorlijk opgelicht”. Op zijn telefonisch verzoek zal hem door de leverancier het geld worden teruggegeven.

Het oordeel van de Commissie
1. De Commissie vat de klacht aldus op dat klager in de eerste plaats de uiting onvoldoende herkenbaar acht als reclame en voorts de in de uiting gestelde werking van het product “Fresh Eyes” betwist.

 

2. Als onweersproken is komen vast te staan dat de bestreden uiting, waarin het product “Fresh Eyes” van Biomed wordt aangeprezen, reclame voor dit product betreft. In artikel 11.1 van de Nederlandse Reclame Code (NRC) is bepaald dat reclame duidelijk als zodanig herkenbaar dient te zijn “door opmaak, presentatie, inhoud of anderszins, mede gelet op het publiek waarvoor zij is bestemd”. Naar het oordeel van de Commissie is de uiting door de op een artikel lijkende opmaak ervan en het ontbreken van de aanduiding “advertentie” of “advertorial” onvoldoende als reclame herkenbaar. De uiting is daarom in strijd met artikel 11.1 NRC.

 

3. Nu door klager de juistheid wordt betwist van de mededelingen omtrent de werking van “Fresh Eyes”, dient adverteerder de beweerde werking van het aangeprezen product - en daarmee de juistheid en eerlijkheid van de reclame-uiting - aannemelijk te maken. Adverteerder heeft dit niet gedaan. Er is immers geen onderbouwing voor de in de uiting gestelde werking van het product aangevoerd.
Het voorgaande impliceert dat het ervoor moet worden gehouden dat de uiting onjuiste informatie bevat over de van het gebruik van “Fresh Eyes” te verwachten resultaten, een van de voornaamste kenmerken van het aangeprezen product als bedoeld onder b van ar­tikel 8.2 NRC. Voorts is de Commissie van oordeel dat de gemiddelde consument door de uiting ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de bestreden uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

 

4. Gelet op het voorgaande wordt als volgt beslist.

 

De beslissing
De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in de artikelen 7 en 11.1 NRC. Zij beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
Regeling: NRC (nieuw) art. 7
NRC (nieuw) art. 11.1
NRC (nieuw) art. 8.2 aanhef
NRC (nieuw) art. 8.2 onder b.