Uitspraak ingezonden door Marloes Meddens-Bakker, MOON legal & compliance.
Claims over duale werking en ‘healing’ van Tremfya misleidend en onvoldoende onderbouwd
CGR 20 juli 2026, LS&R 2437; RB 4087; K26.001 (AbbVie B.V. tegen Janssen-Cilag B.V.). In deze klaagschriftprocedure beslist de Codecommissie CGR (hierna: de Codecommissie) over verschillende reclame-uitingen van Janssen-Cilag B.V. voor het UR-geneesmiddel Tremfya® (guselkumab), bestemd voor onder meer de behandeling van colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn. AbbVie B.V., vergunninghouder van het eveneens voor deze indicaties bestemde Skyrizi® (risankizumab), stelt dat advertenties in MAGMA en Medipub, uitingen op [website 1] en LinkedIn-uitingen in strijd zijn met de Gedragscode Geneesmiddelenreclame. De klacht ziet onder meer op de claims “Discover TREMFYA® the ONLY dual-acting IL-23 inhibitor”, “What if you could target IL-23-induced inflammation at its root?”, “Not all IL-23 inhibitors are the same”, “the only dual-acting IL-23 inhibitor to neutralize IL-23 at its cellular source” en “Healing is possible with Tremfya®”, alsmede op de daarbij gebruikte afbeeldingen van een wortelstelsel met de aanduidingen IL-23 en CD64+ en patiënten met een blauwe lichtkring rond het darmgebied. Volgens AbbVie suggereren de uitingen ten onrechte dat de binding van Tremfya aan zowel IL-23 als CD64+ een klinisch relevant voordeel oplevert ten opzichte van andere IL-23-remmers, terwijl de gestelde duale werking slechts op in-vitrogegevens berust en de klinische betekenis daarvan niet is aangetoond. Janssen voert aan dat zij uitsluitend een verschil in werkingsmechanisme beschrijft en geen superioriteits- of effectiviteitsclaim maakt, en dat de CD64-binding wordt ondersteund door onder meer de SmPC van Tremfya en wetenschappelijke publicaties. Ten aanzien van “Healing is possible” stelt Janssen dat beroepsbeoefenaren deze claim in de context van de volledige uiting zullen begrijpen als een verwijzing naar “endoscopic healing” en niet als volledige genezing.
Vergelijkende reclame. Misleidend. Aanbeveling. Wanneer Reggefiber een dergelijke ‘vraagbundelingscampagne’ organiseert in een gebied waar Ziggo haar kabelnetwerk exploiteert, blijkt Ziggo te reageren met de “Overbodig-campagne”. Reggefiber bestrijdt het oordeel van de Commissie met betrekking tot de volgende uitingen: • de flyer voor zover het betreft de mededeling: “Waarom doet Ziggo niet mee aan het glasvezelnetwerk? Ziggo heeft een eigen glasvezelkabelnetwerk.” en de mededeling: Overstappen is dus overbodig.”• de abriposter voor zover het betreft de mededeling: “Overbodig. Wat je al hebt, heb je niet nodig. Baarn is met kabel net zo goed voorbereid op de toekomst als met glasvezel.” Beiden uitingen worden beoordeeld aan de hand van artikel 13 NRC. Het College vernietigt de bestreden beslissing en acht de bestreden uitingen in strijd met artikel 13 aanhef en onder a NRC en beveelt Ziggo aan niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.
Binnen de zelfzorg is de markt voor medische hulpmiddelen sterk in beweging. Relatief veel, recente productintroducties binnen de zelfzorg hebben de wettelijke status van medisch hulpmiddel. Er wordt derhalve relatief veel promotie voor medische hulpmiddelen gemaakt. Sinds 2009 is de Code Publieksreclame Medische zelfzorg Hulpmiddelen (CPMH1 ) van kracht. Deze Code stelt binnen de zelfregulering kaders en regels voor verantwoorde reclame. Eind 2010 is deze Code met onder meer adverteerders geevalueerd. Dit heeft geleid tot een nieuwe versie van de CPMH die begin 2011 van kracht is geworden. De Keuringsraad KOAG/KAG krijgt steeds vaker (reclame-)uitingen ter beoordeling, waarbij medische hulpmiddelen worden vergeleken met geneesmiddelen Deze richtlijn geeft, binnen de het huidige wettelijke en zelfregulerende kader, een richtlijn voor vergelijkende reclame met medische hulpmiddelen om zo verantwoorde reclame mogelijk te maken en te houden.