Claim “Van Nederland naar Tirol op één tank” niet misleidend
RCC 20 maart 2014, dossiernummer 2014/00143 (Citroën C1)
Afwijzing. Het betreft de televisiecommercial waarin onder meer wordt gezegd: “Van Nederland naar Tirol op één tank, in de zuinige Citroën C1”. Aan het eind verschijnt onder in beeld onder meer de tekst: “Citroën C1, 1:23,3, Gem.verbr. 4,3-4.5 l/100 km, 22,2-23,3 km/l”. In de commercial wordt niet vermeld dat sprake is van een theoretisch rekenvoorbeeld. De toegepaste NRDC-meetmethode, waarmee het gemiddelde brandstofverbruik van auto’s wordt vastgesteld, geeft een onrealistisch beeld van het daadwerkelijke verbruik op de openbare weg. De Commissie begrijpt de klacht aldus dat klager de commercial misleidend acht, omdat daarin niet duidelijk wordt gemaakt dat de claim “Van Nederland naar Tirol op één tank” alleen geldt indien wordt uitgegaan van de officiële verbruikscijfers, en niet haalbaar is met een daadwerkelijk brandstofverbruik dat “boven 4,9 l/100 km” ligt. Deze klacht kan niet slagen.
Onder ideale testomstandigheden rijdt de zuinigste uitvoering C1 binnen de bebouwde kom 5,1 l/100 km en buiten de bebouwde kom 3,8 l/100 km (gecombineerd 4,3 l/100 km). De slogan “Van Nederland naar Tirol op één tank” is - blijkens adverteerders website -gebaseerd op de afstand van de molen van Nuenen naar Reutte in Tirol en bedraagt 715 kilometer. Uitgaande van een volle benzinetank (35 liter) en het ideale verbruik buiten de bebouwde kom (3,8 l/100 km) zou de C1 met 27,2 liter (715/100*3,8) Tirol kunnen bereiken. Maar met een daadwerkelijk brandstofverbruik dat boven 4,9 l/100 km ligt, wordt Tirol niet gehaald.
Het oordeel van de Commissie
De Commissie stelt voorop dat ingevolge artikel 2 lid 1 van de Code voor Personenauto’s (CVP) in reclame-uitin¬gen voor nieuwe personenauto’s het brandstofverbruik uitsluitend in overeenstemming met het bepaalde in het Besluit Etikettering energiegebruik personenauto’s mag worden vermeld. Krachtens dit Besluit dient in reclame het officiële brandstofverbruik van het desbetreffende model personenauto te worden vermeld, waarbij onder officieel verbruik wordt verstaan het brandstofverbruik dat door de typegoedkeuringsinstantie overeenkomstig bepaalde Europese richtlijnen is vastgesteld. Niet in geschil is dat de in de commercial genoemde verbruiksgegevens van de Citroën C1 het officiële brandstofverbruik als bedoeld in genoemd Besluit betreffen.
De Commissie begrijpt de klacht aldus dat klager de commercial misleidend acht, omdat daarin niet duidelijk wordt gemaakt dat de claim “Van Nederland naar Tirol op één tank” alleen geldt indien wordt uitgegaan van de officiële verbruikscijfers, en niet haalbaar is met een daadwerkelijk brandstofverbruik dat “boven 4,9 l/100 km” ligt. Deze klacht kan niet slagen. De Commissie acht voldoende aannemelijk geworden dat de afstand van 715 kilometer, overeenkomend met de afstand van Nuenen in Nederland naar Reutte in Tirol, niet alleen volgens de officiële (“theoretische”) verbruikscijfers door de C1 overbrugd kan worden zonder onderweg te tanken, maar dat dit ook in de praktijk haalbaar is. In het artikel in Autoweek 12/2013, waarin een journalist verslag doet van zijn reis naar Tirol in de C1, wordt immers geconcludeerd: “Citroën heeft niet gelogen; Tirol is inderdaad zonder tankstop haalbaar vanuit Nederland”. Gelet op het voorgaande wordt de gemiddelde consument door de commercial niet op het verkeerde been gezet ten aanzien van de zuinigheid in brandstofverbruik van de C1 in de praktijk.
De beslissing
De Commissie wijst de klacht af.
Aanbeveling met ALERT. Agressieve reclame. Misleiding. Het betreft een aan klaagster gerichte, schijnbaar handgeschreven brief van adverteerder, met daarbij gevoegd een op klaagsters naam gesteld “definitief prijscertificaat betreffende het bedrag van 28.750,00 Euro”, een “prijs-express-aanvraagbewijs voor u als begunstigde. Prijs: Geldbedrag van 28.750,00 Euro op uw naam” en een “Aannamecertificaat, om mijn bedrag van 1.500,00 Euro te ontvangen”. Volgens klager staat de uiting bol van misleidende “definitieve” prijzen, waardoor de suggestie wordt gewekt dat de geadresseerde een prijs heeft gewonnen. De tekst is zo opgesteld dat adverteerder achteraf, na ontvangst van een bijdrage van € 40,-, kan stellen dat er niets wordt uitgekeerd. Op ontoelaatbare wijze wordt misbruik gemaakt van “achteloze” lezers.
Aanbeveling. Vergelijkende reclame. Het betreft een uit 2 pagina’s bestaande advertentie voor “Alphashot”, “een compacte foto studio” in het blad “TWiNKLE”, met als ondertitel: “concreet over e-commerce”, van oktober 2013. Op de linkerpagina staat onder meer: “Ook problemen met uw Packshot Creator?” en daaronder: “Alphashot. Dé oplossing voor packshotfotografie”. Op de rechterpagina staat onder meer: “Alphashot is dé oplossing voor professionals die veel packshots fotograferen voor webshops, catalogi, brochures en on-line publicaties”. Klager is de dealer van Packshot Creator in de Benelux. In deze advertentie wordt de naam Packshot Creator zonder toestemming van adverteerder of van de “naameigenaar” (Sysnext in Parijs) denigrerend, kwetsend en suggestief gebruikt. Iedereen binnen de markt waar klager actief is, weet wat er met Packshot Creator bedoeld wordt.
Voorzitterstoewijzing. Misleidend. Het betreft de volgende uitingen waarin wordt geadverteerd met “Vroegboekkorting”: Een aan klager op 15 januari 2014 verzonden e-mail; en poster in de etalage van een winkel van adverteerder; een advertentie in De Telegraaf van 25 januari 2014. Klager heeft, gelokt door de “Vroegboekkorting” van € 500,--, op de website van adverteerder gekeken, maar daar niet een reis met een dergelijke korting kunnen vinden. Via de Afdeling Support heeft klager een aanbieding gekregen voor “Hotel Radisson Aruba Resort”, maar van een korting van € 500,-- was geen sprake. Dezelfde reis is buiten de aanbiedingsperiode € 1.158,-- goedkoper. De korting blijkt niet te bestaan. Er is sprake van misleiding.
Uitspraak ingezonden door Daniël Haije,
Koopovereenkomst hijskranen. Toepasselijkheid Weens Koopverdrag (CISG) art. 35 (conformiteit), 49 en 72 (ontbinding), 74 (schadevergoeding) en 81 (terugbetalingsverplichting). Eiseressen vorderen in conventie terugbetaling van de koopsom in verband met non-conformiteit, omdat de kranen volgens haar niet voldoen aan de kwalificatie 'new/unused' en bovendien niet CE-gecertificeerd zijn. Na uitleg van de kwalificatie 'new/unused' oordeelt de rechtbank dat de kranen op dit punt beantwoorden aan de overeenkomst. Eiseressen hebben er naar het oordeel van de rechtbank niet op mogen vertrouwen dat de kranen CE-gecertificeerd waren. De koopovereenkomsten zijn dus niet rechtsgeldig door eiseressen ontbonden. De vordering in conventie wordt daarom afgewezen. In reconventie vordert gedaagde schadevergoeding, die deels wordt toegewezen, en machtiging om de kranen openbaar te verkopen, die wordt afgewezen bij gebreke van een deugdelijke grondslag.
Wet handhaving consumentenbescherming. Last onder dwangsom en boete wegens overtreding art. 8.8 Whc jo. art. 6:193c, lid 1, sub b, BW. Misleidende handelspraktijk. Bestendigde handelwijze. AFM heeft aangetoond dat tijdens drie telefoongesprekken medewerkers van appellante omtrent de aangeboden producten informatie hebben verstrekt die feitelijk onjuist en misleidend is. Naar het oordeel van het College kan in het geval van appellante worden gesproken van een structurele praktijk die voldoende omvangrijk is om aan belangen consumenten schade toe te kunnen brengen. De gedraging waaraan appellante zich schuldig heeft gemaakt, vormt dan ook een inbreuk als bedoeld in artikel 1.1, aanhef en onder f, Whc. Het vorenoverwogene leidt het College tot de conclusie dat AFM terecht heeft vastgesteld dat appellante artikel 8.8 Whc in verbinding met art. 6:193c, eerste lid, aanhef en onder b, BW heeft overtreden.