RB

Media  

RB 2241

Geen ervaring van verlies aan zuigkracht

Vzr. Rechtbank Den Haag 24 oktober 2014, IEF 14313 (Dyson tegen Samsung)
vacuum%20vs%20vacuum.jpg?itok=sler_7XDEerder gepubliceerd op IE-Forum.nl; IEF 14313. Reclamerecht. Zakloze stofzuigers. Dyson vordert staking van de filteronderhoudsclaim en rectificatie van de reeds verwijderde "verlies aan zuigkracht" claims. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af. Het vullen van het stofreservoir met stof heeft geringe invloed op de zuigkracht. "Geen verlies van zuigkracht ervaren" bevat een subjectief element. Gedurende een lange periode neemt de zuigkracht is niet significant af (7% tot 5,3%) en de zuigkracht is blijvend sterk.

Het rooster, dat onderhoud behoeft, vervult niet de functie van een filter.  Uit niets valt af te leiden dat naast de filterfunctie van en door de cyclonen aan het rooster ook een filterfunctie valt toe te dichten.

5.5. In de onder 2.9 I sub b weergegeven uiting is naar voorlopig oordeel de eigenlijke mededeling die aan het publiek wordt gedaan dat je bij de Motion Sync geen verlies aan zuigkracht ervaart. Terecht heeft Samsung zich op het standpunt gesteld dat “geen verlies aan zuigkracht ervaren” een subjectief element bevat, zodat deze mededeling, anders dan Dyson heeft betoogd, niet inhoudt dat Samsung claimt dat bij gebruik van de Motion Sync geen enkel verlies aan zuigkracht kan optreden.

5.8. Gelet hierop en nu Dyson heeft erkend dat bij een verlies aan zuigkracht van 7% de resterende zuigkracht nog wel sterk kan zijn, acht de voorzieningenrechter voorlopig oordelend de in claim 1 besloten liggende mededeling dat de Motion Sync gedurende een lange periode een sterke zuigkracht behoudt, niet onjuist of misleidend. Als de afname van de zuigkracht niet significant is en de zuigkracht blijvend sterk is, kan Samsung naar voorlopig oordeel ook claimen dat de consument – zeker ten opzichte van de stofzuiger met zak – geen verlies aan zuigkracht ervaart. Voorshands acht de voorzieningenrechter ook deze claim niet onjuist of misleidend.
RB 2237

Predicaten duidelijk alleen voor twee bekroonde smaken koffiecups

RCC 8 oktober 2014, RB 2237, dossier 2014/673 (Bellarom koffiecapsules)
Uitspraak ingezonden door Ebba Hoogenraad en Bram Duivenvoorde, Hoogenraad & Haak. In de consumentengids hebben diverse Lidl Bellarom koffiecapsules de predicaten 'Beste uit de test' en 'Beste koop' ontvangen. Nu maakt Lidl daarmee reclame. In geen van de gepresenteerde uitingen wordt op misleidende wijze gesuggereerd dat de predicaten voor meer dan de twee bekroonde smaken koffiecups zijn verstrekt. Voor de gemiddelde consument is het duidelijk dat de claims en predicaten op de twee duidelijk uitgelichte, groot weergegeven smaken betrekking hebben. De klacht wordt afgewezen.

RB 2236

Via een Cross border referral krijgt TomToms uiting in Nederland een aanbeveling

College van Beroep van de RCC 20 oktober 2014, RB 2236, dossier 2014/00266 (Garmin tegen TomTom)
Beslissing ingezonden door Daniël Haije en Sarah Arayess, Hoogenraad & Haak. Misleidende vergelijkende reclame. Art. 13 aanhef en onder a en c NRC. Navigatieapparatuur. Garmin maakt met succes bezwaar tegen het gebruik van de snelheidsclaim "TomTom Traffic gets you there fastest" en de mededelingen in het kader van "reliability of data". Het geschil is met een "cross border referral" ter verdere behandeling door de Advertising Standards Authority (ASA) naar de Nederlandse RCC gestuurd nu TomTom in Nederland is gevestigd. Aan de aanbeveling hoeft niet te worden toegevoegd dat het Britse doelgroep van de uiting betreft. Enig verschil in opvatting tussen de Britse en de Nederlandse maatman-consument maakt geen verschil om te beoordelen dat de uitingen misleidend zijn. Het buiten beschouwing blijven van producten met DAB-technologie van Garmin geeft een vertekenend beeld waardoor het resultaat van de vergelijking ten onrechte ten gunste van TomTom wordt beïnvloed.

Leestips: 6.1-6.3, 6.5, 6.10, 6.16.

RB 2232

Misleidend signaal bij RTL Business Class

CBb 11 september 2014, RB 2232 (RTL Business Class)
business-class.jpgFinancieel. Misleidend signaal. Boete van €96.000,- voor marktmanipulatie (artikel 5:58, eerste lid, aanhef en onder d, Wft); verspreiden van informatie waarvan een misleidend signaal uitgaat; uitlatingen CEO tijdens interview RTL Business Class.

3.3.3. (...) Het College is met de rechtbank van oordeel dat appellant met het antwoord “(…) 12 juni komt een persbericht aan waar heel wat aankondigingen instaan die denk ik heel interessant zijn voor de aandeelhouders om te horen” in combinatie met de daaraan voorafgaande vraag “ (…) wanneer die beurskoers nou weer een beetje omhoog gaat van die [naam 4]” in ieder geval de suggestie heeft gewekt dat het aankomend persbericht positief zou zijn voor de beurskoers van [naam 4]. Van een neutraal antwoord - vanwege het gebruik van de (in beginsel) neutrale term “interessant” - kan in dit geval, gelet op de context, niet worden gesproken.  (...)

3.3.4    Het College is voorts van oordeel dat appellant redelijkerwijs had moeten vermoeden dat de door hem verstrekte informatie onjuist of (in ieder geval) misleidend was. Appellant heeft de suggestie gewekt dat een voor de beurskoers positief persbericht aanstaande was, terwijl hij op grond van de hem op dat moment beschikbare informatie - onder meer (de communicatie over) het conceptpersbericht - wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die informatie niet voor de beurskoers positief was. Uit de hem bekende informatie volgde juist onder meer dat [naam 4] voornemens was over 2009 geen dividend uit te keren, wat in het persbericht van 12 juni 2009 vervolgens ook is meegedeeld. Dat het besluit inzake het dividend over 2009 formeel nog niet genomen was ten tijde van de opname van het interview, doet daar niet aan af. Appellant was toen immers al wel op de hoogte van het voornemen daartoe, maar heeft toch in dat interview gesuggereerd dat een voor de beurskoers van [naam 4] positief persbericht aanstaande was. Appellant wist toen of had toen redelijkerwijs moeten vermoeden dat de uitlating onjuist, dan wel (in ieder geval) misleidend was.
RB 2228

Gegevens gebruikt voor telefonische benadering

RCC 22 augustus 2014, RB 2228, dossiernr. 2014/00525 (Intereno)
Intereno.jpgAanbeveling. Ontbrekende informatie. Het betreft een aan klager gezonden e-mail waarin staat: “Ontvang dit gratis boek met 10 tips voor keukenrenovatie! Vraag gratis informatie aan (…)”. Onder deze tekst staan enkele foto’s van keukens, met daarbij het logo van Intereno en een boek met de titel “Gratis 10 tips voor keukenrenovatie”. In de e-mail is een button opgenomen die leidt naar de landingspagina van adverteerders website (360leads.nl/nl/intereno), waarop gegevens kunnen worden ingevuld om “gratis meer informatie” te ontvangen. De klacht: nadat klager op het aanvraagformulier zijn gegevens had ingevuld, ontving hij geen gratis informatie, maar werd hij gebeld door een medewerker van adverteerder voor het plannen van een verkoopgesprek. Desgevraagd werd klager meegedeeld dat hij eerst informatie zou ontvangen als hij een afspraak met de verkoopadviseur had gemaakt. De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC.

Het oordeel van de Commissie
Naar het oordeel van de Commissie wordt door de mededeling “Ontvang dit gratis boek met 10 tips voor keukenrenovatie! Vraag gratis informatie aan” in de e-mail in combinatie met de mededeling “Vul vandaag nog in en ontvang gratis meer informatie” op de landingspagina waarnaar de link in de e-mail leidt, de indruk gewekt dat men door het invullen van de gevraagde gegevens op het aanvraagformulier gratis schriftelijke informatie van adverteerder zal ontvangen zonder verder contact. Uit het verweer begrijpt de Commissie echter dat adverteerder naar aanleiding van de aanvraag om informatie (tevens) standaard de aanvrager telefonisch benadert om “het concept toe te lichten”.
Dat men met het aanvragen van schriftelijke informatie ook geacht wordt toestemming te hebben gegeven om telefonisch benaderd te worden door adverteerder, betreft naar het oordeel van de Commissie essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te kunnen nemen en die om die reden in de uiting dient te zijn opgenomen. Het ontbreken van deze informatie in de uiting kan ertoe leiden dat de consument persoonlijke gegevens achterlaat met de enkele bedoeling schriftelijke informatie te ontvangen, terwijl hij die gegevens niet zou hebben achtergelaten indien hij erover was geïnformeerd dat hij daardoor (tevens) telefonisch benaderd zou worden door adverteerder.
Gelet op het voorgaande is naar het oordeel van de Commissie sprake van het ontbreken van essentiële informatie als bedoeld in de aanhef en onder c van artikel 8.3 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Omdat de gemiddelde consument daardoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
RB 2224

Gebruik internet en wifispots geldt voor maximaal twee apparaten tegelijk

RCC 12 augustus 2014, RB 2224, dossiernr. 2014/00488 (Ziggo)
1214x732-afbeelding-tekst-6k-wifispots-automatisch-3_s.jpgAanbeveling. Ontbrekende informatie. Misleidende reclame. Het betreft een folder met de aanhef “Meer lol beleven met internet?”. Daarin staat onder het kopje “Internet op meerdere apparaten tegelijk”: “Moeiteloos met de hele familie tegelijk online. Via computer, tablet, én mobiel”. Onder het kopje “Buitenshuis internet met WifiSpots” staat: “Gratis onbeperkt gebruik maken van draadloos internet op ruim 1,2 miljoen locaties”. Onder het kopje “Ga nu voor “Alles-in-1 plus” staat onder meer: “Onbeperkt toegang tot WifiSpots”. In de praktijk heeft de consument met maximaal 2 apparaten toegang tot WifiSpots. In de folder is dit niet vermeld. Klager acht de mededelingen “Internet op meerdere apparaten tegelijk” en “Onbeperkt toegang tot WifiSpots” niet juist en vindt de folder misleidend. De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met artikel 7 NRC.

Het oordeel van de Commissie
Zoals blijkt uit de bij de klacht overgelegde afdruk van de homepage van www.ziggo.nl kunnen maximaal twee apparaten tegelijk worden ingesteld voor het gebruik van WifiSpots. Deze beperking acht de Commissie dermate essentieel voor het onderhavige aanbod, dat deze uitdrukkelijk in de folder had moeten worden vermeld. Dit geldt in het bijzonder omdat in de folder is vermeld: “Internet op meerdere apparaten tegelijk. Moeiteloos met de hele familie tegelijk online. Via computer, tablet, én mobiel”, “Onbeperkt toegang tot WifiSpots” en “Onbeperkt toegang tot WifiSpots”, waardoor gemakkelijk de onjuiste indruk kan ontstaan dat men met meer dan twee apparaten tegelijk gebruik kan maken van internet met WifiSpots.
Naar het oordeel van de Commissie is er in dit geval sprake van een verborgen houden van essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te nemen. Nu de uiting de gemiddelde consument er bovendien toe kan brengen een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC) en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.


RB 2222

25% korting geldt niet voor Baseline producten

Vz. RCC 11 augustus 2014, RB 2222, dossiernr. 2014/00515 (Praxis)
10527605_576081105841655_6564286593740026448_n.jpgVoorzitterstoewijzing. Misleidende reclame. Ontbrekende informatie. Het betreft de commercial van Praxis met betrekking tot de vroege-vogel-actie, bij welke actie volgens de commercial "25 korting op alles" wordt verleend. De klacht: in de winkel blijkt dat de korting van 25% niet geldt voor Baseline producten. In de commercial worden echter geen uitzonderingen genoemd. De voorzitter acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC. Hij beveelt adverteerder, voor zover nog nodig, aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

Het oordeel van de voorzitter
Als onweersproken is komen vast te staan dat Baseline producten uitgesloten zijn van de vroege-vogel-actie, bij welke actie volgens de commercial “25% korting op alles” wordt verleend. Deze beperking van het actieaanbod betreft essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te kunnen nemen en die daarom in de reclame-uiting opgenomen dient te zijn. Nu deze informatie in de commercial ontbreekt, is sprake van een omissie van essentiële informatie als bedoeld in artikel 8.3 aanhef en onder c van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
RB 2221

Geen 100% gratis condooms

RCC 13 augustus 2014, RB 2221, dossiernr. 2014/00505 en 2014/00505A (www.gratis-condooms.nl)
10407087_1518623765036490_1887183317260408594_n.png?oh=0a678793c9804925dac4346e4361ea12&oe=547665F7Aanbeveling. Oneerlijke reclame. Het betreft de uiting op adverteerders website www.gratis-condooms.nl en een uiting op adverteerders Facebook-pagina met als koptekst: “Gratis 10 Durex Natural Condooms thuisgestuurd!” [met op de Facebook-advertentie: Je betaalt alleen de verzend- en administratiekosten”] Naast de afbeelding van een verpakking Durex condooms staat in een soort logo: “Ontvang 100% gratis 10 gratis Durex condooms”. In de uiting is een aanvraagformulier opgenomen waarin onder meer staat: “Ja, stuur mij 10 gratis* condooms!” De asterisk verwijst naar de volgende tekst onderin het aanvraagformulier: “* Ik betaal slechts € 1,95 verzendkosten”. Klager acht het misleidend dat geadverteerd wordt met gratis condooms. Uit de voorwaarden blijkt dat sprake is van een abonnement, waarbij maandelijks tegen betaling van € 12,50 condooms worden toegestuurd. De Commissie acht de reclame-uiting in strijd met het bepaalde in artikel 7 NRC.

In de bestreden uiting en in de advertentie op Facebook worden 10 gratis Durex condooms aangeboden, tegen betaling van “alleen de verzend- en administratiekosten”.

Krachtens punt 19 van Bijlage 1 bij de Nederlandse Reclame Code (NRC) mag een product in reclame alleen als “gratis” worden omschreven als de consument niet iets anders moet betalen dan de onvermijdelijke kosten om in te gaan op het aanbod en het product af te halen dan wel dit te laten bezorgen.

Naar het oordeel van de Commissie voldoet de onderhavige reclame-uiting niet aan voornoemde bepaling.

Gebleken is dat de besteller van het proefpakket na het verstrijken van de proefperiode van 14 dagen automatisch elke maand een vervolgzending van 10 condooms ontvangt, waarvoor door middel van automatische incasso (tot wederopzegging) € 12,95 per maand wordt afgeschreven. In de voor de aanbieding geldende Algemene Voorwaarden is bepaald dat het proefpakket met daarin 10 Durex condooms alleen gratis is indien de consument ook minimaal 1 vervolgzending van 10 condooms ten bedrage van € 12,95 wil ontvangen. Wil men geen vervolgzending ontvangen, dan moet € 12,95 voor het proefpakket worden betaald of moet het proefpakket (met daarin nog minimaal 8 ongeopende condooms) binnen 14 dagen worden geretourneerd. Aldus is het niet mogelijk het proefpakket van 10 Durex condooms daadwerkelijk gratis (tegen enkel betaling van de onvermijdelijke bezorgkosten) thuis gestuurd te krijgen.

Het voorgaande leidt ertoe dat sprake is van onder alle omstandigheden misleidende reclame als bedoeld in de aanhef en onder punt 19 van Bijlage 1 bij de NRC. Daardoor is de uiting oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

De Commissie is voorts van oordeel dat het feit dat men na ontvangst van het proefpakket automatisch vervolgzendingen van 10 condooms krijgt toegestuurd waarvoor door middel van automatische incasso geld van de rekening wordt afgeschreven, essentiële informatie betreft die een consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over de transactie - de aanvraag van het proefpakket - te kunnen nemen. Deze informatie dient daarom in de uiting opgenomen te zijn. Nu dat niet het geval is, is sprake van het ontbreken van essentiële informatie als bedoeld in de aanhef en onder c van artikel 8.3 NRC. Omdat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.

en

Voorts is van belang dat de onderhavige uiting een uitnodiging tot aankoop in verband met een overeenkomst op afstand betreft, waarvoor de in artikel 8.4 NRC (onder f t/m s) genoemde informatieverplichtingen gelden. In genoemd artikel is onder i onder meer bepaald dat de uiting de totale prijs van de zaak dient te bevatten inclusief, in geval van een overeenkomst die een abonnement inhoudt waarvoor een vast tarief van toepassing is, de totale maandelijkse kosten. Zoals hiervoor is overwogen, krijgt men na ontvangst van het proefpakket automatisch vervolgzendingen van 10 condooms toegestuurd waarvoor door middel van automatische incasso geld van de rekening wordt afgeschreven. Dat in feite sprake is van een abonnement waarvan de maandelijkse kosten € 12,95 bedragen, is naar het oordeel van de Commissie essentiële informatie die in de uiting opgenomen dient te zijn. Nu dat niet het geval is, is niet voldaan aan de onder i van artikel 8.4 NRC opgenomen verplichting.
Ook op grond van hiervan is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.
RB 2218

Gezondheidsclaims en aanprijzing als geneesmiddel niet toegestaan

RCC 31 juli 2014, RB 2218, dossiernr. 2014/00273 (Body & Fitshop)
BF_glutamine_250gr.jpgAanbeveling. Gezondheid. Digitale marketing. Het betreft reclame voor de producten Body & Fit Glutamine, Beta-Alanine Pure en D-Aspartic Acid in een nieuwsbrief van 26 maart 2014 en op de website www.bodyenfitshop.nl. In de bestreden uitingen worden o.a. de producten Body & Fit Glutamine, Beta-Alanine Pure en D-Aspartic Acid gepresenteerd als geneesmiddel in de zin van artikel 1 lid 1 sub b van de Geneesmiddelenwet (Gmw). Nu voor deze geneesmiddelen geen handelsvergunning is verleend, handelt adverteerder in strijd met artikel 84 Gmw. De klacht betreft uitingen die diverse gezondheidsclaims bevatten over deze producten. De Commissie acht de reclame-uitingen in strijd met artikel 2 NRC.

Het oordeel van de Commissie
Met betrekking tot de verschillende bezwaren overweegt de Commissie het volgende.

Ad 1.
Gelet op de hiervoor in klacht onder 1 a tot en met c opgenomen mededelingen worden de producten Body & Fit Glutamine, Beta-Alanine Pure en D-Aspartic Acid gepresenteerd als geneesmiddel in de zin van artikel 1 lid 1 sub b Gmw. Nu niet is gebleken dat voor deze geneesmiddelen een handelsvergunning is verleend, handelt adverteerder in strijd met artikel 84 Gmw en zijn de uitingen in strijd met artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC).

De Commissie heeft nota genomen van het verweer dat adverteerder zich, na gesprekken met de NVWA, bezighoudt met het wijzigen van de website en de nieuwsbrief, een en ander op basis van een projectplan. Dit maakt bovenstaand oordeel echter niet anders. Eventuele wijziging neemt niet weg dat de oorspronkelijke uitingen in strijd zijn met de NRC. Overigens constateert de Commissie dat de website, blijkens de bij repliek overgelegde afdrukken daarvan, op 3 juli 2014 nog steeds de in de klacht onder 1 a tot en met c opgenomen mededelingen bevatte.

Bij repliek heeft klager de klacht met betrekking tot artikel 84 Gmw uitgebreid tot een mededeling omtrent het product “Afslank Eiwit”, namelijk de mededeling:

“Bij een tekort aan carnitine kunnen er problemen optreden bij de verbranding van vetzuren” op de site. Aangezien adverteerder in de gelegenheid is geweest om schriftelijk op de repliek te reageren, zal de Commissie zich ook uitlaten over dit nieuwe, eerst bij repliek geuite bezwaar.

Door voornoemde mededeling wordt het product Afslank Eiwit gepresenteerd als geneesmiddel in de zin van artikel 1 lid 1 sub b Gmw. Nu niet is gebleken dat voor dit geneesmiddel een handelsvergunning is verleend, handelt adverteerder in strijd met artikel 84 Gmw en is de uiting op dit punt in strijd met artikel 2 NRC.

Ad 2.
De hiervoor in de klacht onder 2 a en b opgenomen mededelingen bevatten gezondheidsclaims in de zin van artikel 2 lid 5 van de Claimsverordening. Nu niet is gebleken dat deze claims zijn opgenomen in de lijst van toegestane gezondheidsclaims, zijn deze in deze strijd met artikel 10 lid 1 Claimsverordening en zijn de uitingen in strijd met artikel 2 NRC.

De Commissie heeft nota genomen van het verweer dat adverteerder zich, na gesprekken met de NVWA, bezighoudt met het wijzigen van de website en de nieuwsbrief, een en ander op basis van een projectplan. Dit maakt bovenstaand oordeel echter niet anders. Eventuele wijziging neemt niet weg dat de oorspronkelijke uitingen in strijd zijn met de NRC. Overigens constateert de Commissie dat de website, blijkens de bij repliek overgelegde afdrukken daarvan, op 3 juli 2014 nog steeds de in de klacht onder 2 a opgenomen mededelingen bevatte.

De Commissie stelt vast dat de in de klacht onder b opgenomen mededeling: “spieropbouw en libido” niet meer in de uiting voorkomt. Van deze wijziging heeft de Commissie nota genomen. Dit neemt echter niet weg dat de oorspronkelijke uiting in strijd is met artikel 2 NRC.

Bij repliek heeft klager de klacht met betrekking tot gezondheidsclaims uitgebreid tot de volgende mededelingen omtrent de producten D-Aspartic Acid en Afslank Eiwit op de site:

D-Aspartic Acid:
“100% werkzaam” en onder het kopje “De werking van D-Aspartic Acid”:

“Cholesterol kan echter pas in de mitochondria worden opgenomen na de koppeling aan een stofje genaamd steroidogenic acture regulatory protein (StAR). Dit stofje StAR is de beperkende factor voor de productie van testosteron”.

en

Afslank Eiwit:
“geeft een vol gevoel”, “onderdrukt het hongergevoel doordat het je bloedsuikerspiegel op peil houdt”, “L-Carnitine speelt een belangrijke rol in het energiemetabolisme omdat het nodig is voor het transport van vetzuren”, “Whey eiwit vermindert je hongergevoel. Whey eiwitten geven je snel een voldaan gevoel en bouwstoffen worden snel benut”.

Aangezien adverteerder in de gelegenheid is geweest om schriftelijk op de repliek te reageren, zal de Commissie zich ook uitlaten over deze nieuwe, eerst bij repliek bestreden mededelingen.


Deze mededelingen bevatten gezondheidsclaims in de zin van artikel 2 lid 5 van de Claimsverordening. Nu niet is gebleken dat deze claims zijn opgenomen in de lijst van toegestane gezondheidsclaims, zijn deze in strijd met artikel 10 lid 1 Claimsverordening en is de site op dit punt in strijd met artikel 2 NRC.

Ad 3.
Nu de uitingen reeds op grond van overtreding van de wet in strijd zijn met de Nederlandse Reclame Code (NRC), komt de Commissie niet toe aan het beoordelen van de vraag of de uitingen misleidend zijn.
RB 2214

60 procent korting geldt slechts op uitverkoopartikelen

Vz. RCC 18 augustus 2014, RB 2214, dossiernr. 2014/00539 (jeansandfashion.com)
 jeansandfashion_logo_groot.pngVoorzitterstoewijzing. Misleidende reclame. Het betreft een per email aan klager gezonden reclame van adverteerder. In de onderwerpregel staat: ‘Nu 60% korting op alles, de zomer op zijn best, zoek op prijs’. De klacht: het onderwerp van de email luidt: ‘Nu 60% korting op alles’. Bij een bezoek aan de website bleek het slechts om uitverkoopartikelen te gaan en daarom is de uiting misleidend, aldus klager. De voorzitter acht de reclame-uiting in strijd met artikel 7 NRC.

Het oordeel van de voorzitter
2) De mededeling ‘60% korting op alles’ wekt de indruk dat daadwerkelijk op het totale aanbod van adverteerder 60% korting wordt verleend. Als erkend is echter vast komen te staan dat de kortingsactie alleen geldt voor items uit de zomercollectie 2014. De verdere mededelingen in de onderwerpregel ‘de zomer op zijn best | zoek op prijs’ maken naar het oordeel van de voorzitter niet duidelijk dat de kortingsactie beperkt is tot de zomercollectie. Deze beperking van de actie betreft essentiële informatie die de gemiddelde consument nodig heeft om een geïnformeerd besluit over een transactie te kunnen nemen en die daarom in de uiting zelf dient te zijn opgenomen. Dat is niet het geval.

3) Gelet op het voorgaande is sprake van het op onduidelijke wijze verstrekken van essentiële informatie als bedoeld in de aanhef en onder c van artikel 8.3 NRC. Voorts is de voorzitter van oordeel dat de gemiddelde consument hierdoor ertoe gebracht kan worden een besluit over een transactie te nemen, dat hij anders niet had genomen. Om die reden is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.